Tagarchief: muziek

NAAKT IN DE ORKAAN


video, kijk hier online: We zullen doorgaan
(hommage aan Ramses Shaffy, 1 dec 2009 – 1 dec 2019):

Ik “zing, vecht en huil”. En soms “bid” ik zelfs, werk en lach ik om mezelf. Of bewonder ik iets in iemand.

Ik probeer “door te gaan“, “in een sprakeloze nacht”, “in een loopgraaf zonder licht” , telkens als ik stilsta, om weer door te gaan”.

Ramses Shaffy (29 aug 1933-1 dec 2009) laat mij huilen deze week met zijn chansons, met zijn stem, zijn timbre, ik zing luidkeels in tranen mee, wat de buren er ook van mogen vinden.

Soms kijk ik naar omhoog naar de blauwe lucht, zoals “Sammy” moest doen, omdat hij teveel gebogen liep, teveel alleen deed. Ik kijk naar mijn voeten, waar die mij moeten brengen de komende tijd, zelfs “als het stil is in Amsterdam”.

Ramses belichaamt voor mij alles wat met de vrijheid van de jaren ’70 in Amsterdam te maken heeft. Mijn Amsterdam. I was a flowerpower girl, you know. Ik had bloemetjes op mijn spijkerbroek geborduurd, ik rook naar Indiase Petuli-parfum, at mijn eerste Space-cake en droeg in mijn hippie-jaren een uilenbrilletje op mijn neus. En iets van dat meisje zit nog steeds in mij.

Shaffy is voor mij Amsterdam. Ik ben niet van Hazes, niet van Froger. Ik ben van Shaffy. Ik ben een geboren Amsterdamse. Hij zingt mijn levenslied. Het lied van mijn stad, met zijn eenzame dolende zielen in de nacht.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

LACHENDE MAAN

Op de lagere school in de Wodanstraat bij de Stadionkade – het was 1966 en ik had mijn eerste bril al op mijn neus – zongen we, als het speelkwartier was, over ‘”Sammy”, die zich verloren voelde en die vaker naar de blauwe lucht moest kijken, waar de maan naar hem lachte, volgens Shaffy.

Lezers van Face to Face weten, dat ik nog altijd graag naar de maan kijk. Ik bracht de laatste jaren bij diverse maansverduisteringen, voor mijn blog halve nachten buiten door met mijn fototoestel – tussen de kunstzinnige neon mooncirkels van beeldend kunstenaar Willem Hoebink in de glazen tuinpoorten van het Olympisch Kwartier. Die maancirkels in mijn godinnenwijk inspireren me eigenlijk iedere dag.

Ik liet u met me meekijken op Face to Face en hoop nog vaker zulke foto’s te kunnen maken. Weet u wel, dat de binnenkant van ons oog op een oranje geaderde bloedmaan lijkt, zag ik laatst op een scan van mijn oog (alleen is het bij mij niet meer zo mooi oranje, ik heb onverwachts ernstige problemen met één oog, dus tja, kan ik nog wel mooie foto’s maken nu? Ik weet het niet. Typen is ook al zo lastig…)
In de zomer van 1975, toen ik al ras na de uilenbril mijn eerste contactlenzen kocht en er een wereld voor me openbarstte buiten de Stadionbuurt, in dat jaar bracht Shaffy zijn chanson “We zullen doorgaan” uit.
Met de wankelende zekerheid, om door te gaan”
“met het zweet op ons gezicht, om alleen door te gaan”
” Naakt in de orkaan”.
(1 december 2019: In Memoriam Ramses)

Friet op de Parnassus

s710742923750749015_p3_i2_w640.jpg
Het Parnassusbergmassief in Griekenland met Orakel van Delphi ter ere van Apollo

Parnas heet tegenwoordig de wijk die de Amsterdamse Stadionbuurt verbindt met de Zuidas. Althans, in trendy stedebouwkundige termen heet die wijk zo. Je moet toch wát, om je vastgoed te verkopen?
Het gebied is in ontwikkeling. De Amsterdamse Rechtbank wordt opgepimpt en de kantoortoren uit 1977 aan de Parnassusweg geheel gestript, van een glazen façade voorzien met restaurant aan het water en verhoogd tot bijna 60 meter. Voor de bewoners rondom de Stadionweg betekent dat een extra stukje blauwe lucht minder. De hoogbouw van de Zuidas rukt op.Zo’n toren heet tegenwoordig een Tower, zoals ook het hotel aan het eind van deze bebouwde Parnas-strook nu Olympic Hotel heet en de opgeleukte Citroëngebouwen naast het Olympisch Stadion, The Olympic zijn gaan heten. Oh, oh, wat zijn we hot. Nu krijgen we in september dus ook een Parnassus Tower.

20190821_222146.jpg
Amandelvormig brughuisje op de Parnassusbrug met moderne Parnassus Tower .

Geen Amsterdammer noemt het gebied Parnas. Elke Amsterdammer kent de Parnassusbrug vooral van de twee friettentjes, die er sinds jaar en dag aan beide zijden van de brug huizen in de prachtig gesculptuurde brughuisjes in Amsterdamse Schoolstijl van architect Piet Kramer (1881-1961).

De bestemming van de amandelvormige huisjes was altijd een kiosk, er heeft nog een rijwielzaakje ingezeten en onderin waren er urinoirs. Ook de afdeling Beplanting van de Gemeente gebruikte een huisje(*2)Op de brug zelf vallen de ingebouwde glooiende banken op, het siersmeedwerk in de brugleuning en aan weerszijden van de brug de gebeeldhouwde stenen beelden van Hildo Krop (1884-1970). Ik bedoel: het is niet zomaar een brug, het is een prachtbrug, een meterslang architectonisch bouwwerk, een schoolvoorbeeld van organische architectuur in mijn ogen.

Zwevende Muze, beeld van Hildo Krop (1884-1970) uit 1941, geplaatst 1957 op de Parnassusbrug

FILM

Via NPO-start (of via de link onderaan dit blog) kunt u een grappige, 30 minuten durende film “Parnassus” zien, waarin op deze Parnassusbrug een modern Romeo en Julia-liefdesdrama wordt uitgevochten, tussen de twee families in de friethuisjes, recht tegenover elkaar op de brug. Zie hier de trailer: 

De twee frietboeren met hun zoons beconcurreren in de film elkaar bijkans dood. Maar ja, dan komt er een zus in het spel…en vechten liefde en haat om de overhand. Een filmdebuut uit 2015 van de jonge acteur/regisseur Robin Boissevain (1996), waarin de oude Parnassuskantoortoren nog te zien is.1050531(0).jpgOké, de Parnassusbrug kennen we van de friet. Maar wat er nou op de Parnassus-berg gebeurde in het Olympische Griekenland???? Misschien weten we nog nét dat Montparnasse een kunstzinnige wijk op een heuvel in Parijs is, iets waar mondain Amsterdam nu met zijn Frans-klinkende Parnas op inspeelt.1050511.jpgDe brug verbindt vanaf begin jaren ’40 het toen nog landelijke Buiten-veldert met de Stadionbuurt. De hoekflats aan de Parnassusweg lijken wel een toegangspoort tot de Zuidrand van de stad. Daar begon Amsterdam. De weg loopt uit op het Olympiaplein, en aan de andere kant van dat plein begint de Apollolaan.
Ahh, denk ik, wat zit er toch een vernuftig doordacht systeem in die hele naamgeverij van zo’n stad!

APOLLO EN ZIJN MUZEN

Want het was Apollo, god van de muziek en de schone kunsten, die op de Parnassusberg, in het plaatsje Delphi, in een tempelcomplex vereerd werd in het Olympische Griekenkand. Samen met zijn negen Muzen, die allerlei kunstenaars inspireerden.

Vandaar ook dat fantastische stenen beeld van een Muze op de Parnassusbrug, aan de voet van de Parnassus Tower! Heeft u er wel eens bij stilgestaan?

Apollo met dichters en muzen op de Parnassusberg, fresco van Rafaël: 1509-1511

Een Apollolaan achter een Olympiaplein en een Parnassusweg: daar zit dus een hele gedachte achter. Ook de aangrenzende schildersstraten, genoemd naar bijvoorbeeld Rafaël, Tintoretto, Watteau volgen daar logischerwijs uit voort. Met een Cliostraat middenin de schildersbuurt, de naam van een muze. En ook de muzikale namen als Mahler, Stravinksy, Gershwin, Vivaldi voor straten, tunnels en gebouwen op de hippe Zuidas.

Deze zomer stond er een houten versie van Apollo met dansende muzen op de Apollolaan tijdens #ArtZuid, waarover ik eerder schreef in Muziek in wrakhout van de jonge architect/kunstenaar Ivan Cremer.

20190608_014238.jpg
Apollo en zijn 9 muzen op de Apollolaan #ArtZuid, Ivan Cremer

En er was een gouden Apollo op de Parnassusberg in Amsterdam te zien tot 25 augustus, tijdens de tentoonstelling De Schatkamer, Meesterwerken in de Hermitage. Een Apollo met lier – net zoals de lier bovenop het Concertgebouw – maar in de Hermitage stond Apollo bovenop een 18e eeuws bureau van een Duitse meubelmaker Rõntgen, gemaakt in opdracht van de Russische keizerin Catharine de Grote: Apollo and the Arts, a musical marvel: een krankzinnig barok bureau dat zich als een muziekdoos opende!

Apollo bovenop de Parnassusberg, op een bureau, in de Hermitage van Amsterdam

Die ambtelijke afdeling die een namensysteem bedenkt voor een stad, een wijk, een buurt kàn dus blijkbaar best zijn stedebouwkundige werk uitstekend doen. Als ze willen. Dan brengen ze logica in zo’n stad aan, zodat ieder zijn weg kan vinden. Dat is de functie van zo’n stratenplan.

Die ambtelijke afdeling die daar verantwoordelijk voor is, heet de Dienst Basisinformatie. Ik had er nog nooit van gehoord, totdat ik vorig jaar ermee kennismaakte toen ze dwars tegen alle adviezen van raadgevers in, hun idee voor een Johan Cruijfplein middenin een Olympische buurt wilden doordrukken.

Zwaveldampen in het Parnassusgebergte. Bij het Orakel van Apollo vroeg men om raad.

GEESTVERRUIMENDE ZWAVEL IN DEPLHI

Die ambtenaren van de gemeente hadden eens een tripje naar die Parnassusberg moeten maken, bedenk ik me nu.

In dat Griekse Parnassus-bergmassief hangen nl. zwavelwolken, die tot vooruitkijkende inzichten van helderziende oudere vrouwen leidden. Een soort profetessen waren het in het vóór-Christelijke Griekenland. De Parnassus was het centrum van ‘waarzeggerij’.

Tegenwoordig zou je dat soort vrouwen een “medium” noemen, en hun zwavel wellicht een geestverruimend middel, zij kregen boodschappen door van de god Apollo, zij communiceerden tussen jou en de god bij het “Orakel van Delphi”.

Je ging dus voor raad en advies c.q. voorspellingen naar de Parnassusberg, naar Delphi. Toen de (latere) Christelijke keizers dat nog niet verboden hadden, werd daar heel wat waarde gehecht aan die bezwavelde orakeltaal.

Dat tripje hadden die ambtenaren vorig jaar ook eens moeten maken!
Gewoon een frietje op de Parnassusbrug gaan halen!
Een frietje… met zwavel!

  1. *De film “Parnassus” van Robin Boissevain, een liefdesdrama in 30 minuten tussen twee friet-families op de Parnassusbrug: https://www.2doc.nl/speel~VPWON_1249702~parnassus-vriende-en-rauwkost-3lab~.html
  2. *Het online-tijdschrift Wendingen, over de fraaie architectuur van de Parnassusbrug: https://amsterdamse-school.nl/objecten/objecten-in-de-openbare-ruimte/brug-415,-parnassusbrug/

Muziek in wrakhout


Kun je hout laten dansen? Met een videofragment van een ballet over Apollo, de Griekse God van de kunsten en de muziek, introduceer ik hier het gigantische houten balletgezelschap, dat architect/beeldhouwer Ivan Cremer (1984) op de Apollolaan heeft geplaatst.
Maar liefst 10 houten sculpturen zet Cremer als ensemble neer, met Apollo in het midden. Om hem heen: de negen muzen, zijn halfzussen, die elk een tak van kunst vertegenwoordigen, en die de muziek inspireren.

20190608_195811.jpg
Birth of Apollo, 2019, sculptuur van hout en staal, Ivan Cremer, Apollolaan, Amsterdam Zuid

De muziek die u hoort is van Igor Stravinsky uit 1927. Een echt 20e eeuws klassiek muziekstuk. Het ballet werd in 1928 door choreograaf George Balanchine gearrangeerd en heeft Cremer geïnspireerd tot zijn sculptuur “Birth of Apollo” voor de Amsterdam Sculptuur Biennale Art Zuid.

“The birth of Apollo” is ook de naam van de proloog van het ballet. Stravinsky liet zich door de Klassieke Oudheid inspireren of door schilderijen als “Apollo en de 9 muzen” van Baldassare Peruzzi (1520) en noemde zijn muziekcompositie Apollon Musagète: “Apollo, aanvoerder van de muzen”.

AKG241827.jpg
Dans met de 9 muzen, olieverf panel v Baldasare Peruzzi (architect/schilder), ooit onderdeel van een toetseninstrument.

Het totale muziekstuk van Stravinsky duurt een half uur. Onderaan dit blog kan de liefhebber ernaar luisteren.

Kijkt u naar het balletfragment en dan nog eens naar het beeldhouwwerk op de Apollolaan.

New York City Ballet, Tiler Peck, Indiana Woodward, Brittany Pollack and Taylor Stanley in George Balanchine’s Apollo. © Erin Baiano.

20190614_145301.jpg

1050378.jpg

Apollo tussen 9 muzen op de Apollolaan, Ivan Cremer, 2019
Cremer in zijn studio in Leipzig, bij het beeld van Apollo. copyright: ivanattila.com
1040980.jpg
Ivan Cremer tijdens de perspresentatie van ArtZuid met zijn Birth of Apollo, op de Apollolaan

IVAN CREMER

Het is niet de eerste keer dat Cremer balletdanseressen bouwt. Eerder al ontwierp hij een hele serie “Dancers from Oblivion”. De zoon van kunstenaar/schrijver Jan Cremer, is van het robuuste handwerk. Uit Italiaans afvalhout uit ruïnes hakt, bikt, schuurt, timmert en schroeft hij handmatig zelf zijn sculpturen in elkaar.20190614_150309.jpgHij is een echte bouwer, van oorsprong architect met zijn opleiding aan de TU in Delft. Hij moet weinig hebben van computergestuurde kunst, die hij eerder als design ziet. Hij maakt in zijn atelier liever alles zelf met eigen handen.
Het zijn bonkige woeste brokken hout waarmee hij werkt, met staalplaten bij elkaar gehouden, niet roestvrij. Het hoofd van Apollo of de hoofden van de danseressen of hun losse wilde haren bestaan uit stalen troffels of gekartelde schijven, waarmee hij ook beweging suggereert.

Ik probeer ballerina’s te portretteren, ik ga niet de beweging nadoen,” zegt hij tijdens de perspresentatie. Hij heeft dus niet overwogen om als een bewegingskunstenaar Jean Tinguely (1925-1991) het balletgezelschap letterlijk te laten draaien aan stalen kabels om Apollo heen.
Ieder staat op zijn eigen (betonnen) voetstuk, beklemtoont Cremer. Iedere muze. Elke kunstdiscipline. Zowel de dichtkunst (als muze). Als de zang. Alle negen muzen kunnen muziek doen ontstaan.
De kunsten beïnvloeden elkaar wederzijds, maar geen één is superieur, wil Cremer maar zeggen. Ook Apollo niet.

MUZEN, MUSEUM, MUZIEK, AMUSEMENT

Muziek (Apollo) ontstaat in combinatie met:

  • poëzie,
  • zang, de voordrachtkunst,
  • mime, expressie
  • geschiedenis (Stravinsky componeert bijvoorbeeld op basis van de Antieke Oudheid)
  • tragediespelen (voor een opera)
  • of komediespelen (voor een operette of musical).

Voor elk is er een muze.

Ze zijn structureel van elkaar afhankelijk. Ze staan op zichzelf, maar trekken zich aan elkaar op, en beïnvloeden elkaar, houden elkaar in balans en worden ondersteund door Apollo” zegt Cremer.

Essentieel voor de sculptuur van Cremer is zo het feit dat de 10 figuren, ondanks hun eigen voetstuk, toch met elkaar verbonden zijn. De God van de kunsten en muziek is met stalen kettingen verbonden met zijn Muzen. En inspireert op zijn beurt weer schilders.

Als architect heb ik naar de straten rondom de Apollolaan gekeken, er zijn schildersstraten van Michelangelo en Rubens en Van Eijck, en er zijn muziekstraten als Beethoven in deze buurt”.

(Ook zijn er parallel aan de Apollolaan twee straten naar muzen genoemd, waaronder de Cliostraat, muze van de geschiedenis).

Stravinsky noemde zijn muziekcompositie: Apollo, leider van de Muzen: Apollo Musagète. Ook bij Cremer is Apollo weliswaar groter dan zijn zussen en staat hij centraal middenin, maar bij Cremer lijkt het toch ook alsof het de muzen zijn die Apollo in beweging zetten.

20190517_225844.jpg
Urania, links, met haar armen in de lucht, zorgt als muze voor hemelse muziek. Vooraan staat Terpsichore als muze van de dans op muziek.

In de balletvideo zie je ook hoe de ingebakerde mannelijke God Apollo pas geboren kan worden als zijn katoenen windselen worden afgewikkeld door drie van zijn halfzussen. Apollo heeft zijn muzen nodig.
Stravinsky en Balanchine gebruiken maar drie danseressen als muzen, Cremer doet het met negen en volgt hierin getrouw de mythologie.

20190608_005717.jpg
Muzen voor de muziek. 1. Urania met hemelbol voor hemelse klanken. 2. Euterpe van de instrumentale muziek, met dubbele fluit, 3. Calliope voor de voordrachtskunst en zang 4.Terpsichore met lier voor de dans.
20190608_010848.jpg
5. Thalia met vrolijk masker, voor komediespelen 6. Polyhymnia met meditatieve blik, voor religieuze muziek 7. Melpomene met een tragediemasker 8. Erato met haar cupido en liefdespoëzie 9. Clio met haar geschiedenisrol

Zo kan muziek hemels klinken (Urania: met hemelbol), en komt muziek via allerlei instrumenten tot ons (Euterpe: met dubbele fluit), kun je op muziek vaak dansen (muze Terpsichore) en vertelt muziek vaak een verhaal, al of niet als programmamuziek of met zang (Calliope van de zang en Clio, muze van de geschiedenis, met een papierrol).

Die inter-afhankelijkheid van Apollo met zijn muzen laat Ivan Cremer nu zien. In hout. Met kettingen. Op de Apollolaan.

Zo was er eerst de Griekse mythe; toen in 1520 een schilderij over Apollo en zijn 9 muzen, toen in 1927 Stravinsky met zijn instrumentale muziek, toen Balanchine met zijn ballet en ook een film daarover in 1968 en nu in 2019 Cremer met zijn houten beeldhouwversie van Apollo’s geboorte.

Zo voedt de mythologie de schilderkunst, de muziek de dans en die weer de beeldhouwer. Een mooie pirouette. In het Openlucht-museum dat Art Zuid heet.

Lentewijding a/d Amstel

o-THE-RITE-OF-SPRING-100-facebook
Le Sacre du Printemps (1913), de heiliging van de Lente, choreografie Joffrey Ballet 2013

Verrast sta ik plots in de winkelpassage aan de Nevsky Projekt, de grote winkelboulevard van St. Petersburg. Nou ja: in een zaalgrote nagebouwde winkelpassage, in de Hermitage aan de Amstel, op de tentoonstelling over de keizerlijke Romanovs en de Russische Revolutie van 1917.

Ah, daar hebben we nog geluncht, weet je nog?“, vraag ik mijn oude moeder die bij me is. Nee, ze weet het niet meer. Onze cruisevakantie naar St. Petersburg is alweer zes jaar terug.

Jawel, mam, in dat mooie Jugendstilgebouw van Singer, van de naaimachines, dat nu een boekwinkel is, daar hebben we boven koffie genomen met een broodje. Met uitzicht op de winkelboulevard“. Nu begint het haar weer wat te dagen.

Plots klinkt er harde staccato-achtige ritmisch opzwepende muziek door de tentoonstellingszaal, ik herken Le Sacre du Printemps van Igor Stravinsky, de Wijding van de Lente. Of liever gezegd: de Heiliging van de Lente.

3224281847_1_2_8n2ZhE8u
Fins Nationaal Ballet, Le Sacre

Wat raar, denk ik terplekke. Waarom Le Sacre? Waarom hier? Muziek over een ritueel om de lente te vieren?
Le Sacre du Printemps gaat over oude wijze voorvaderen en “De Aanbidding van de Aarde” en het “Lenteoffer”, het is een wijdingsdans. En Stravinsky (1882-1971) componeerde deze muziek in 1911. In Frankrijk.

(Kort videofragment Le Sacre in 2 choreografieversies: https://youtu.be/VOgh2EwbQm4 )

De tentoonstellingsmakers in Amsterdam hebben de opzwepende ritmische muziek gezet onder filmbeelden van een oprukkende mensenmassa. De komst van de Revolutie van 1917 hangt vanaf het begin van de Romanov-tentoonstelling dreigend in de lucht.

20170424_133118_resized
Standbeeld van Lenin, Hermitage aan de Amstel
LE SACRE DU PRINTEMPS
In het stuk is de maatschappelijke onrust hoorbaar die in die tijd in Rusland heerste, ” schrijven de tentoonstellingmakers in een uitleg. Daarom klinkt Le Sacre bij filmbeelden over “armoede, demonstraties in Rusland, bestorming van het Winterpaleis”.
Maar het vieren van een traditioneel plattelands meifeest is toch zeker iets anders dan een revolutionaire volksmassa?
640px-RiteofSpringDancers
Choreografie van Nijinski in 1913

Meifeesten, een meiboom en meitakken komen op het Nederlandse platteland, in dorpen in Limburg, nog steeds voor. Onze maand mei heet naar de Griekse godin Maia, de godin van de vruchtbaarheid. In Le Sacre du Printemps heeft Stravinsky zo’n volks meifeest – zo’n heidens ritueel – op muziek gezet.

De Russische dirigent Valery Gergjev herkent in Le Sacre een Litouws volksliedje en zegt (in een schitterende 5-delige tv documentaireserie “All the Russia, a musical journey”), dat Stravinsky zich liet inspireren door Russische folklore. Zoals tal van volksverhalen, mythen en sprookjes op muziek gezet zijn door Russische componisten, in een land dat zó groot was dat het vele vele volksculturen kende en enorm veel plattelandsbevolking, allen met eigen rituelen.
‘The Rite of Spring’ heet het muziekstuk van Stravinsky in het Engels, het Ritueel van de Lente.

5301794b9aea285945942cf5d6db62d6
Lente-offer in Le Sacre du Printemps, Joffrey Ballet, 2013

In ‘de Sacre’ gaat het om oude voor-Christelijke volksstammen die de Aarde aanbidden: er moet een maagd geofferd worden aan de goden, om de Lente te laten beginnen: een plechtig ritueel. Daar was je na een barre Russische winter wel aan toe.

Om de goden gunstig te stemmen, heiligde je de lente. Uit dankbaarheid. En nog altijd worden er, volgens Gergjev, op het Russische platteland rondedansen als in Le Sacre gedanst, die zeven weken na Pasen de cirkel van de zon nabootsen. Hoe woest en ruig en modern de muziek ook klinkt, Stravinsky putte volop uit folklore, zegt Gergjev, en zag de lente als een soort wakkerworden van de wereld, na een harde winter.

De muziek is voor ballet geschreven, om het Lenteoffer uit te beelden, en zo kun je m.i. Le Sacre dan ook het allerbeste tot je nemen. Niet in het Concertgebouw, maar in de Stopera, bedoel ik: met een balletpodium bij een orkestbak.

Of kijk hier, via de link beneden, online naar deze rituele lentewijding van een half uur, deze Sacre du Printemps. En onderga de spiritualiteit van dit aardse vereringsritueel. In een choreografie uit 1987, die zo dicht mogelijk die van 1913 heeft willen benaderen.

We zien dansers van het Joffreyballet in kledij, schoeisel en haartooi alsof ze van een Centraal-Aziatische steppe komen en zien hoe de jonge vrouw, zich ritmisch woest hoogspringend dooddanst. Zij is het offer van de stam aan de goden, zodat de lente kan beginnen. Dansers in berenvellen tillen haar in de lucht.
the_joffrey_ballet_winter_2009
Dus hoezo, revolutie?

De ritmische klanken hebben met de Oktoberrevolutie van Lenin niet van doen. Je kunt moeilijk van een revolutionaire tijdgeest spreken, als het gaat om een lenteritueel van een primitieve stam.

REVOLUTIONAIR

Wel was het muziekstuk een revolutie in zijn soort. Het was een turningpoint in de muziekgeschiedenis. De muziek was zo weinig harmonieus, Stravinsky liet verschillende muziekpartijen in verschillende toonsoorten spelen, en het klinkt ook nog ‘es alsof hij verschillende maatsoorten door elkaar gebruikt.

Plus: er werd allesbehalve pittoresque en sierlijk gedanst. Er werd woest gesprongen, zoals je dat bij een wijdingsritueel van de lente ook wel kunt voorstellen: rauw en primitief.

Een enorme rel was het in 1913 in Parijs, op 29 mei, bij die moderne dansuitvoering van Sergej Djagilev en Vaslav Nijinski en hun gezelschap “Les Ballets Russes”. Grote, grote shock bij het Franse publiek. Mensen sprongen op van hun stoel en gingen met elkaar op de vuist, “is er een dokter in de zaal?” riep iemand. De zaal liep half leeg. Stravinsky kan er zelf in een interview smakelijk over vertellen.

(Video: Stravinsky: https://youtu.be/3vwq1AyYGzo )

OKTOBERREVOLUTIE 1917
En daar zit ik dan, aan het eind van de tentoonstelling over de vermoorde Romanovs, met mijn oude moeder op een bankje voor filmbeelden van Sergei Eisenstein’s beroemde film “Oktober” uit 1928, op muziek van Sjostakovitch. Hier klinkt een musicus, die op last van de revolutionairen theatraal en verheerlijkend over de revolutie van 1917 verhaalt.
Ik had mijn moeder al gewaarschuwd, want ze is namelijk nogal “van de tsaar en de koning”, en ik wist dat die revolutiefilm eraan kwam.
Je zult het wel niet leuk vinden, maar ik wil er toch een stukje van zien”.
“Tja, tis toch historie,” zucht ze, “het hoort erbij”.
 Ik praat haar door de – in de ogen van nu – trage film heen:
“Zo meteen komt de scene van de bestorming van de Hermitage, mam”, waarschuw ik, “maar eerst het fluitsignaal van het Auroraschip, je weet wel, dat marineschip, we hebben erbij gestaan, toen we in St. Petersburg waren. En toen DAT sein van de mariniers kwam, vanaf dat moment begon de revolutie”.
Tuut, tuut, horen we.

“Daar is het sein!”, zegt mijn moeder. De “Russische lente” van oktober kon beginnen.

(Videofragment van Eisensteins film ‘Oktober’, muziek Sjostakovitch)

  • Le Sacre du Printemps, 30 minuten: https://youtu.be/jo4sf2wT0wU
  • leuke BBC speelfilm “Riot of the rite” over de tumultueuze première van Le Sacre du Printemps (The Rite of Spring). https://youtu.be/JcZ7lfdhVQw
  • Gergiev’s Russia: All the Russia, a musical Journey, deel 1:
    https://youtu.be/phc66-P0bA4
  • NTR-documentaire, 1996, deel 1 van serie ‘Het Meesterwerk’: Le Sacre du Printemps, Gergjev Rotterdams Philharmonisch  Orkest
  • Voor de muziekliefhebber, die het rurale karakter van de Sacre wil doorgronden: theatrale uitleg van het ritueel en de muziek: https://youtu.be/R3cJ_u9pTw8
  • Muziek ten tijde van de Revolutie: Testomony – From the memoirs of Sjostakovitch, 1988: https://youtu.be/S-Mj-zkUrqA
  • “De koning, de keizer en de czaar”, Catharina Clay. Als e-book verkrijgbaar. (Hoe familieverbanden tussen Europese koningshuizen de Eerste Wereldoorlog beïnvloedden en zo de Russische Revolutie).
  • Ook leuk: speelfilm Coco Chanel & Igor Stravinsky: https://youtu.be/jM-3cbH8mFM

Nimf met straatverleden

14223190560_3a1e6c93f2_b
Euterpe: scuptuur van Pierre Francois Berruer, 1780, Grandtheater Bordeaux. Foto 2014, Valery Hugotte

Ze was een nimf. Euterpe. Muze van de poëzie. En de beschermgodin van menig koor of muziekvereniging. De Oude Grieken droegen onder begeleiding van muziek hun gedichten voor. Vandaar dat Euterpe als sculptuur meestal wordt uitgebeeld met een muziekinstrument.
Na 1945 was haar frivole, poëtische naam voor een straatnaam in Amsterdam-Zuid niet langer gepast, de straat was haar blije karakter volkomen kwijt. Er was teveel gebeurd. De naam was besmet. Uit haar midden, vanaf een centraal pleintje, waren ruim 18.000 joden afgevoerd. Euterpe verdween.  Ze is nu een nimf met een straatverleden. En heet Gerrit van der Veen.

Euterpe
Een treurende Euterpe, op het graf van de Frans/Poolse componist Frederic Chopin, Père Lachaise Cemetery, Paris. Foto: Panoramio, 2011, Martin van den Bogaerdt
Apollo, god van de muziek en Euterpe, Detail van een sculptuur uit 1844 van de Deense beeldhouwer Bertel Thorvaldsen The Dance of the Muses on Helicon : Foto: Frank M. Rafik, Berlijn.

Euterpe hoorde met haar muzische karakter bij de Beethovenstraat, het Bachplein, de Schubert- en Chopinstraat en de grote laan in Zuid, die naar de Griekse God van de muziek, Apollo, is vernoemd. Euterpe verbond als dwarsstraat de schildersbuurt van Michelangelo, Rubens en Jan van Eyck, met de musici. Zoals het een heuse Godin van de Kunsten betaamt.

Op die Apollolaan, even achter de vroegere Euterpestraat, wordt nog jaarlijks op 4 mei de oorlog herdacht. Het is voor mij een vertrouwde plek. Als kind liep ik aan de hand van mijn vader met de buurman, en soms de buurjongens, mee ernaar toe. En nog kom ik er. Het is altijd een plechtig moment, die stilte, te midden van de vele mensen met een keppeltje op. Zuid heeft sinds de jaren ’30 altijd veel Joden gehuisvest. Het indrukwekkendst vond ik misschien wel, toen in 1995 Simon Wiesenthal (1908-2005) er sprak, de Joodse Oostenrijker die wereldwijd vele Nazi-oorlogmisdadigers opspoorde. “Als haat en bruutheid een verbintenis aangaan met de technologie, is het gevolg een catastrofe”, waarschuwde hij. Na afloop van de herdenking zag ik hem hotel ‘ApolloFirst’ ingaan. Zou hij wel hebben geweten wat voor plek dat was?

’40-’45

Als over iemand in de Tweede Wereldoorlog in Amsterdam werd gezegd: “hij is naar de Euterpe” dan beloofde dat weinig goeds.
Schrijver Heere Heeresma (1932-2011) woonde toen in de Stadionbuurt en beschrijft in ‘Een jongen uit plan Zuid’ en ‘Kaddish voor een buurt’ hoe hun onderduiker Johan werd opgepakt op de Marathonweg en werd afgevoerd “naar de Euterpestrasse”. De straat had in de volksmond gewoon een Duitse bijnaam gekregen!
Verschillende panden en scholen in Zuid waren door de nazi’s gevorderd. In de Euterpestraat twee scholen tegenover elkaar, de meisjes-HBS en de Christelijke HBS. Daar was de Duitse Staatsinlichtingendienst ingetrokken, de Sicherheitsdienst, de SD. En ook de Geheime StaatsPolizei, de Gestapo.

Duitse soldaten op de brug voor het Amsterdams Lyceum, bij de Apollolaan
Grüne Polizei bij Amsterdams Lyceum, bij Apollolaan.

Beneden in de kelders van de HBS werden verzetsmensen en joodse Amsterdammers gemarteld en verhoord. Heeresma: “Ik heb hem horen jammeren, huilen, genade smeken, alles”  ( uit ‘Kaddish voor een buurt’).

c14203d6d17c4229e214fcc786deb966
Sicherheitsdienst in de meisjes-HBS in de Euterpestraat

Behalve de SD en de Gestapo was er ook de ”Zentralstelle für jüdische Auswanderung” gevestigd (letterlijk vertaald ‘Centraal bureau voor Joodse emigratie’) die de deportatie van Joden uit heel Nederland voorbereidde.
Vanaf het pleintje midden in de straat, het Adama van Scheltemaplein, werden tussen 1941 en 1943 ruim 18.000 joden verzameld en afgevoerd. Via de halte van tram 24 in de Beethovenstraat naar het Centraal Station, Westerbork en concentratiekampen in Polen en Duitsland.

20170428_121655_resized
Duitse militairen op Valeriusplein, bij no. 38-40. Foto: J.W.Hofman

Vanuit het hoofdkwartier in de Euterpestraat regelden de nazi’s de organisatie en deportatie van in totaal 70.000 Amsterdamse Joden. Het is anno nu bijna niet voor te stellen. “Die Fahne hoch, die Reihen festgeschlossen” klonk het op de Stadionweg uit kelen van marcherende Wehrmachtsoldaten, schrijft Heeresma. De Duitse Kriegsmarine had een kantoor op de hoek Olympiakade. En over die kade hing volgens Heeresma eind ’44-’45 heel lang een spandoek: “V = Victorie, want Duitschland wint op alle fronten“.

Toen er in Amsterdam geen Joden meer te deporteren vielen na 1943 richtte de SD in de Euterpestraat zijn activiteiten op het ontmantelen van het Nederlandse Ondergrondse Verzet. De ‘ondergrondse’ besloot toen een centrale SD-officier te liquideren. Als repressaille werden daarop 29 Nederlanders op de Apollolaan, hoek Beethovenstraat door de nazi’s geliquideerd. Daar, waar nu jaarlijks de oorlog wordt herdacht.

Euterpe zag het allemaal.

En Euterpe verdween.

Direct na de oorlog, al in 1945, werd haar naam veranderd in Gerrit van de Veenstraat, zoals ook de middelbare school nu Gerrit van der Veen College heet.
Gerrit van der Veen (1902-1944) was een Amsterdamse verzetsman en beeldhouwer, die betrokken was bij de overval op het Amsterdamse Bevolkingsregister in Amsterdam-Oost. Zoals bekend, wilde het Verzet de administratieve persoonsgegevens van het Bevolkingsregister vernietigen, om het de Duitsers moeilijker te maken mensen te deporteren of op te pakken. Anno nu vind je bij Artis van deze verzetsactie een klein herdenkingsmonument. Van der Veen werd in 1944 in de duinen bij Overveen gefusilleerd, waar een jaar later ook de communistische verzetsvrouw Hannie Schaft werd gefusilleerd, het Meisje met het Rode Haar. Zij zat vlak voor haar executie nog geïnterneerd in het Huis van Bewaring aan de Amstelveenseweg in Zuid, lees ik.

Van de hand van Gerrit van der Veen, de beeldhouwer, staat sinds 1946 een standbeeld op de Churchilllaan in Zuid, gemaakt in 1939. Het verbeeldt Wilhelmina Drucker, de feministische voorvechtster (net als Aletta Jacobs) voor het Vrouwenkiesrecht, uit de Eerste feministische Golf (1870-1920). Haar naam kennen we beter via Dolle Mina, uit de Tweede feministische Golf (1960-1985).

Wilhelmina Drucker (1847-1925), Churchilllaan, beeldhouwer Gerrit van de Veen (1902-1944)

De vroegere Euterpestraat zit nu vol met gedenkstenen.

Er zijn boeken over haar geschreven, zoals ‘Zwijgen over de Euterpestraat’ van Jan Hopman in 2012, hoe “op het hoofdkwartier van de Sicherheitsdienst in 1944 verraad en verzet hand in hand gingen”.
In de boeken ‘De laatste huzaar’ van oud-militair en verzetsman Tonny van Renterghem en ‘De Koningin van Plan Zuid’ van Frank van Kolfschooten komt het luchtbombardement van de Engelsen met de Royal Air Force op de Euterpestraat ter sprake, het niet al te precies uitgevoerde luchtbombardement, eind 1944. Het SD-hoofdkwartier was het doelwit maar werd maar ten dele geraakt; de woonwijk des te meer, er vielen 69 doden, waaronder vier SD’ers. Toch was de schade aan de twee scholen zodanig dat de SD uit de Euterpestraat vertrok: naar hotel ‘Apollofirst’ op de Apollolaan.

Ik zou een weemoedige Chopin Nocturne met fluit onder deze column willen zetten. Om Euterpe als muzische nimf te gedenken. Die muziek zet ik op mijn Facebook-columnpagina onder de fotoreportage als video. Maar poëzie kan ik er niet van maken: zeer recent heeft iemand naast mijn lift iets over “Joden” op de muur gekalkt. Dit had ook de openingszin van deze column kunnen zijn…

DSC06165DSC06163DSC06149Plaquette_voor_Ox_en_Ploeger_in_de_Gerrit_van_der_Veenstraat_te_AmsterdamDSC06160

Zie: