Categorie archief: Column

EOS – EASTER

614980_4285795307986_1732040852_oIk zeg wel eens tegen mijn moeder rondom Pasen:

Weet je wel dat je een heel Oosters mystiek geloof aanhangt als Christen? Vol met wonderlijke mysterieuze verschijnselen als de Opstanding uit de dood?

Ze kijkt me dan wat sceptisch aan met gefronste blik en zit niet echt te wachten op mijn analyses hieromtrent.

Maar wonderlijk toch, denk ik deze dagen….het moet niet gekker worden: soms lijkt alles, werkelijk alles, met elkaar samen te hangen. Nu ik deze columnschrijverij ben begonnen vanuit het Olympisch Kwartier, zoek ik nogal eens in de Griekse mythologie. En komt van t een het ander.
Schreef ik onlangs, dat ik niet zo’n Ochtendmens ben en me daarom minder verwant voel met de Griekse godin Eos van de Dageraad uit ’t Olympisch Kwartier, en meer met de Godin Hestia van het Huiselijke Vuur, nu blijkt er een lijn te trekken van de Griekse Eos naar het Christelijke Easter. Naar Pasen.

Zo kan het zijn, dat ik zomaar bovenstaand plaatje tegenkom op internet. Van een wenende Griekse Eos en een treurende Maria, het Piëta-beeld van Michelangelo. Beide vrouwen wiegen hun dode zoon in hun armen.
Bekijkt u mijn filmpje De tranen van Eos.

In Eos vereerden de Grieken de komst van de nieuwe dag, de Opkomst van de zon, het licht, zij was de godin van de dageraad. In de mythologie vloog Eos in haar 2-span langs het hemelgewelf haar broer Helios, de zonnegod, vooruit en kleurde de horizon paarsroze. Nadat de nacht was gevallen, stond de dag weer op. Een Opstanding. U kent haar misschien eerder onder haar Romeinse naam Aurora.

© Prorail
© Mathisse Coornaert: Museumplein (Parool fotoserie “Ochtendmens in Amsterdam”

Nu is Griekenland het gebied, waar het Christendom – vanuit Palestina – voor ’t eerst voet aan de grond kreeg.
De apostel Paulus zorgde ervoor – na lange discussies met o.a. Petrus – dat ook de Grieken zich, als niet-Joden, konden bekeren tot het Christelijke geloof van de (in oorsprong Joodse) secte rond Jezus Christus.

Met dat het Christendom voet aan de grond kreeg, verdween in Griekenland beetje bij beetje de verering van de Grieks/Romeinse goden naar de achtergrond. Eeuwenlang waren goden en godinnen als Helios en Eos vereerd, nu verscheen er een nieuwe Lichtbrenger aan het hemelfront.

Ik ging een keer met mijn Oost-Europese buurvrouw mee naar de Ooster-Orthodoxe kerk in de Amsterdamse Jordaan, waar zowel de Grieken als de Russen hun Oosters Christelijk geloof belijden. Het was in de Paasnacht van zaterdag op Paaszondag.
Bij binnenkomst werd ik verrast door de volstrekte duisternis in de kerk, die om 12 uur ’s nachts overging met het aansteken van alle kaarsen en het luidkeels roepen, schreeuwen bijna, door alle mensen:
Hij is waarlijk Opgestaan!!!”….
ik vond het een indrukwekkend ritueel…van donkerte naar licht.

Eos

Die opstandings- c.q. vernieuwingsgedachte is gewoon van alle culturen en van alle eeuwen. Altijd hebben mensen natuurverschijnselen vereerd. In Noord- en Midden-Europa duiken verwant aan Eos de namen Eostre en Ostara op als Lentegodinnen die vereerd werden, als godinnen van (nieuw) leven en vruchtbaarheid. Er waren Lente- en meifeesten. 

Ishtar, bijnaam Queen of the Night, kleitablet, hoogreliëf, 1800 B.C. Irak, British Museum, London
Ishtar, bijnaam Queen of the Night, kleitablet, hoogreliëf, 1800 B.C. Irak, British Museum, London
Ishtarpoort, Babylon, Irak, 6e eeuw. Pergamommuseum Berlijn
Ishtarpoort, Babylon, Irak, 6e eeuw B,C. Pergamommuseum Berlijn

Ook de naam Ishtar valt in dit verband, godin van de vruchtbaarheid en sexuele liefde, brengster van nieuw leven in het oude Mesopotamië, het land tussen de Tigris en de Eufraat, het huidige Irak. Bij de ingang van de stad Babylon moet destijds een enorme poort hebben gestaan ter ere van Ishtar.

Op het gevonden kleitablet van Ishtar valt me de houding van haar armen op, vol overgave, bijna een kruisigingstafereel. En wat denkt u: het vruchtbaarheidssymbool van Ishtar waren: eieren.

Wikipedia: “De naam Eostre en de Duitse variant Ostara zijn waarschijnlijk afgeleid van het Oergermaanse woord voor het Oosten. Zowel de Duitse en Engelse benaming voor pasen namelijk Ostern en Easter hebben dezelfde oorsprong”.

Langzaam begint mij iets te Dagen… ”Im Westen Nichts Neues,” om met Erich Maria Remarque te spreken…de zon gaat op in het Oosten. De Dageraad komt uit het Oosten: nieuw leven, eieren, opstanding, herrijzenis…Eos, Eostre, Ostara, Ostern, Ishtar, Easter……..what’s in a name?

Ook Pasen is een lentefeest.
Ik denk aan de paasvuren, die ik als kind meemaakte in het Oosten vh land, op het platteland van Overijssel, waar mijn grootouders woonden. Vuur, waarmee de duisternis van de winter afgesloten werd en de lente en de terugkeer van de zon werd gevierd. 

Als er al iets duidelijk is uit 20 eeuwen Christendom, is dat het alleen maar voet aan de grond heeft kunnen krijgen, door aan te sluiten en zich in te voegen bij reeds bestaande (heidense) feesten en gebruiken…..wat denkt u dat uw paaseieren anders op uw paastafel doen komend weekend?

Ook de dood en de (vermeende) opstanding van Jezus (= het Christelijke Paasfeest) kan op die manier gelinkt worden aan: een nieuw begin, een dageraad. En dus aan Eos, denk ik stomverbaasd.

Welkom in de Wonderlijke Wereld (3xW) van het World Wide Web (3xW). Alles lijkt met alles verbonden. Maar van die wonderen is heel het Christendom zelf ook doordrenkt.

(bijgaande video brengt op intrigerende wijze de overgang in beeld van de Griekse verering van goden/godinnen als Helios en Eos naar het Grieks-orthodoxe Christendom: A new Helios lights Greece. De video is des te opvallender omdat er ook fragmenten inzitten uit de film Contact (met andere planeten) uit 1997 met Jodie Foster (!).
Denkt u het uwe ervan. Ik kan de Griekse tekst niet lezen, maar de beeldtaal wel. Meldt u mij maar als de Griekse teksten aanleiding geven tot commentaar!


naamloosikDit blog is een aanpassing van mijn eerdere colum Eos-Easter op 15 april 2014 op Facebook: Zie reacties destijds: https://www.facebook.com/notes/face-to-face-column-olympisch-kwartier/column-eos-easter/244576672392618

In mijn logo van mijn pagina verschijnt Eos: het is de centrale straat in het Olympisch Kwartier

http://kunst-en-cultuur.infonu.nl/feestdagen/1137-wat-vieren-we-met-pasen.

http://www.parool.nl/parool/nl/2848/FOTO/photoalbum/detail/3930522/586168/0/Ochtendmens-in-Amsterdam.dhtml?utm_source=dailynewsletter&utm_medium=email&utm_campaign=20150329

Titanen van licht

Door de eclips-ervaring vorige week en een komend blogje over Eos, de Dageraad (centrale straat in t Olympisch Kwartier) houden de zon en de sterren me nog steeds bezig….

409aDe zon werd door de oude Grieken vereerd in hun zonnegod Helios, hij was de broer van Eos in de Griekse mythologie.
Hij en zij, en hun zus Selena, de maan, waren in de Griekse mythologie kinderen van Titanen die ons mensen het licht brengen (Aurora en Luna bij de Romeinen).

Tijdens het Amsterdam Light Festival van afgelopen winter schoot ik bijgaande foto in het Wertheimpark in A’dam Oost, die ik u in dit kader deze week niet wil onthouden.
Het was een lichtinstallatie van de kunstenaars Paul van Laak en Arnout Meijer, Object O. Die avond, 4 januari, stond er praktisch een volle maan aan een schitterend heldere sterrenhemel: een volle maan boven een halo, zo leek het.

20150104_195041

Het licht in de stad verandert constant, zeggen de kunstenaars op hun site: “This is why the city doesn’t have a clear distinction where the night ends and the day begins.” (-)
By creating a sequence between the white ring and the warm ring the natural transformation of day and night will become manifest.” (zie: http://www.paulvanlaak.com/site/#work; http://www.arnoutmeijer.nl/object-o/)

imagesRHODOSOp Rhodos bouwden de Grieken ooit een gigantisch standbeeld van Helios, hun zonnegod. Het wordt als 1 van de 7 Wereldwonderen uit de Antieke Wereld gezien: de Colossos of Rhodos.
De Nederlandse taal heeft aan dit kunstwerk woorden als ‘kolos’ en ‘kolossaal’ overgehouden.” (Wikipidia).

Hoe ze dit reuzenbeeld van Helios, dat bij een aardbeving ter ziele is gegaan, mogelijkerwijs ooit gebouwd kunnen hebben laat bijgaande (door mij ingekorte en aangepaste) docu van Discovery Channel zien.

(Iemand van u op Rhodos geweest?)

Een halve zon

In mijn open erkerraam zat ik met mijn fototoestelletje klaar. Het was half tien. Een eclipsbrilletje paraat, van de firma Optische Instrumenten Ganymedes uit Amstelveen. Ik had voor de zekerheid nog even getelefoneerd gister hoe ik ’t kartonnetje met speciaal Astro-Solar zonnefilterfolie zou moeten gebruiken. Ik kon er nl. geen spat door zien, merkte ik bij ontvangst per post.

Ja, dat is de bedoeling,” zei de man van de klantenservice ietwat geïrriteerd.

U kunt er alleen de zon door zien. De eclips dus. Of een hele felle lamp“.

En zo stond ik gisteravond met mijn kartonnetje in de huiskamer naar een felle fitting te turen. Echt begrijpen deed ik ’t niet.
U ziet me staan.

Maar het was zwaar bewolkt weer vanmorgen 20 maart, donkergrijs, geen zonnestraal te bekennen. Of ik het nog zou meemaken, deze gedeeltelijke zonsverduistering?
Al zou ik geen eclips te zien krijgen: wanneer het ineens half avondlicht zou geven, zo midden op de dag, dan zou ik dat toch heel bijzonder vinden, had ik besloten.
De verduistering van 1999 midden op de dag, met zijn scherpe slagschaduwen naast de boompjes op het Hygieaplein, kon ik me ook nog goed herinneren.
En toch…DSC03893Jaaaah, daar is ie!”, hoorde ik mezelf hardop roepen.
Geduld is een schone zaak. Vanaf rechts gezien werd er een hapje uit de zon genomen door de maan, die tussen de aarde en de zon schoof.
Al was de zon wel zo’n 400 x groter dan de maan, zo had ik gelezen in dagblad Trouw, dan kon de maan de zon toch afdekken, van ons op aarde uit gezien, vanwege het grote verschil in afstand van de zon t.o.v. de aarde. De twee hemellichamen lijken dan voor ons allebei even groot.

Enige tijd terug had ik online op een site te zien gekregen hoe die onderlinge groottes van de sterren en planeten zich verhielden tot elkaar, waardoor ik eens te meer beseft had hoe waanzinnig klein de aarde is in dat hele grote heelal. Het had indruk op me gemaakt. (zie:  http://www.spiritscienceandmetaphysics.com/the-size-of-space-as-depicted-here-is-truly-mind-blowing/)

Zo nu en dan dook de eclips voor een paar seconden door de wolken heen. Plots was de zon niet meer rond! En werd steeds meer afgedekt door de maan. Van rechts naar links schoof de maan voor de zon langs, het werd duidelijk donkerder in de straat, maar wat ’t duidelijkst was…was de verlaging in temperatuur na 10 uur, omdat de zon de aarde niet meer verwarmde. Brrr…ik ging mijn winterjas even halen.
Ook hoorde ik rond elfen de vogeltjes ineens opvallend gaan tjilpen. Het was een tijdje stil geweest.
DSC03969Hoe verder de maan naar links opschoof, voorlangs de zon, hoe lichter het toen ook weer werd, ook al was het bewolkt. Slechts zelden kwam de zon achter de wolken tevoorschijn.
Ook al waren het maar fracties van seconden door het dichte wolkendek heen, het was prachtig! Een mysterieus verschijnsel. Zo op de rand van de lente.
Pas in 2026 kan ik dit weer zien. Hoe oud ben ik dan wel niet?
Na 2 uur sloot ik verkleumd mijn erkerraam. Bekijkt u mijn filmpje.

Zuidwaters

DSC03871http://youtu.be/ltZarEnxHIc

Ik hoop stiekem maar dat u wat “groenigs” gaat stemmen, een beetje klimaatbewust. Want tja, ook bij die Waterschappen is discussie…of het grondwaterpeil nu hoog of laag moet staan…, ’t éen is goed voor de natuur, ’t ander voor de boeren. Het is maar wat u wilt. Er is zelfs een onafhankelijke Waterschapspartij opgericht om de belangen van natuur, milieu, landschap en recreatie in de waterschappen beter te kunnen beschermen: Water Natuurlijk.

2014-04-20 2014-04-20 002 009Minutenlang zit ik soms langs de kades in Zuid te staren naar de lichtschitteringen, kleurschakeringen en bewegingen in het water. Saai is het nooit. Water is een levend organisme, constant in beweging. En het neemt de kleur van zijn omgeving aan. Maar hoe lang blijft dat interessant, als ik er een filmpje van wil maken voor u? Dat is de uitdaging nu.

Grondwater Stadionplein
Grondwater Stadionplein

Ik heb inmiddels tal van wateropnames van mijn wandeltochten rondom het Olympisch Stadion. ’s Winters-en zomers, omringd door ganzen, zeemeeuwen en meerkoeten, een enkele fuut.

Een video “Vliegsijzen en drijfsijzen in Zuid” 😉 heb ik dus nog voor u in petto. Vandaag echter breng ik een Ode aan het Water zelf.

four-elements-16265318Zon en Maan, Water en Aarde…de komende dagen staan nogal in t teken van de Elementen.

Komende vrijdag hebben we kans om in Nederland een gedeeltelijke zonsverduistering mee te maken.

En Zondag is het World Water Day. In 1992 hebben de Verenigde Naties 22 maart uitgeroepen tot Wereld Waterdag. Met o.a. aandacht voor vervuiling en klimaatveranderingen. Vrijdag is het Nederlandse Wereld Waterdag.

Love the Water, we are” is éen van de kreten die ik voorbij zie komen en de mogelijkheid om daar a.s. zondag Internationaal online op te 7debdc49-33ff-4ba0-88b5-cdaf30587aa2mediteren en bij stil te staan. Onze aarde bestaat voor 78 % uit water, wijzelf voor zo’n 60-65 %.

Kijkt u naar mijn Zuidwaters: een filmpje over de waters rond het Olympisch Stadion: van het plassende stenen mannetje bij de atletiekbaan tot de waterstralen van de fontein van het Indiëmonument op het Olympiaplein. Langs Olympia- en Stadionkade, Nieuwe Meer, Beatrixpark en een uitstapje naar Buitenplaats WesterAmstel. En natuurlijk met het waterende vrouwtje aan de voet van de Watertoren van WaterNet, ons locale waterzuiveringsstation aan de Amstelveenseweg. (Bijna) alles op loopafstand van het Olympisch Kwartier. Maar… de stilte is vaak ver te zoeken.

Moongate: poort in Zuid

DSC03724
Neon Moongate, in tuinpoort Olympisch Kwartier, artist: Willem Hoebink

Tien passen vanaf mijn voordeur in het moderne Olympische Kwartier stap ik zo een Moongate in: een tuinpoort van glas: 10 meter breed, 9 meter hoog, met een neoncirkel van 7 meter doorsnee, die op ooghoogte begint. Alsof je door een Cirkel van Licht heen de tuin binnentreedt. Het is een neon- kunstwerk van Willem Hoebink (1966) uit 2008.

Oorspronkelijk is een Moongate in tuinarchitectuur een ronde opening in een stenen tuinmuur en stamt uit de klassieke Chinese landschapsarchitectuur van de Chinese adel; het refereert aan openheid naar de buren en symbolisch aan de terugkerende cyclus van de seizoenen, de cirkelgang van geboorte, leven, dood en hergeboorte in de natuur, de leer van het Chinese Taoïsme.

In Amsterdam-Zuid kun je in Buitenveldert in de Hortus van de VU zo’n chinese tuin-moongate zien. 

Maar Moongates zijn er inmiddels in soorten en maten, niet alleen als ronding in een muur – een oprijzende maan aan de horizon – maar ook van metaal, van hout, of dus van neon op glas. Bovenstaande video geeft een mooi overzicht, evenals de link onderaan dit blog.

foto: Hoebink

Het Olympisch Kwartier heeft maar liefst 9 neon- Moongates.
Vijf woonblokken hebben grote glazen tuinpoorten, ontworpen door Lafour en Wijk Architekten. De poorten liggen in elkaars verlengde, waardoor er een zichtas door de hele wijk heen ontstaat op de binnentuinen.

DSC03709In de glazen poorten weerkaatsen ’s avonds de felle neoncirkels, in een eindeloos refrein, als Olympische ringen door de tuinpoorten heen. Zo passen ze prachtig  in een wijk, die grenst aan een Olympisch Stadion.

De lichtcirkels van Hoebink vormen één van de drie kunstwerken die in de architectuur van de nieuwbouwwijk geïntegreerd zijn, zoals ik al eerder beschreef in mijn blog “Stoned forever” (februari 2015) over de metalen letters in de bakstenen muren en de stylistische huisnummers. Kunst verweven in architectuur, in de lijn en stijl van Amsterdamse School-architectuur uit Plan-Zuid van Berlage.

640px-Youyicun_garden
Klassieke Chin. tuin in Suzhou regio, Jiangsu provincie
Op zich zou de historie of filosofie van de Aziatische Moongates een mooie achtergrond voor een column over de neon Moongates in het Olympisch Kwartier kunnen zijn.
Maar mijn ogen doen iets anders. Mijn ogen herkennen in de klassieke Chinese Moongate een poortvorm, die ik alom op mijn zwerftochten door de Stadionbuurt tegenkom.
Mijn ogen zien de neoncirkels niet alleen als een 21e eeuwse interpretatie van de klassieke chinese Moongate, maar mijn ogen zien in de glazen tuinpoorten van het Olympisch Kwartier tegelijkertijd een 21e eeuwse toevoeging aan het bestaande poortenplan van de Stadionbuurt.DSC03694
Als er namelijk iets is waarin het Olympisch Kwartier als nieuwbouwwijk een dialoog aangaat met de vroeg-20e eeuwse Stadionbuurt, dan is het toch wel met haar poorten, is mijn conclusie.

Het Olympisch Kwartier heeft behalve haar 9 glazen tuinpoorten ook nog eens een overbouwde toegangspoort tot de wijk, aan de zijde van de Aphroditekade, die uitkomt op de centrale Eosstraat.

DSC03573
Ik laat in bijgaande fotoserie zien hoe m.i. deze parallel te trekken is.

Als een Middeleeuwse toegangspoort tot de vesting Nieuw-Zuid: zo rijst aan de Pieter Lastmankade het Amsterdams Lyceum op, net achter de Oud-Zuid stadsgordel rond het Concertgebouw. Het is 1919, het eerste jaar na de Eerste Wereldoorlog, vertelt de gevel. Hier treedt u binnen in het Uitbreidingsplan Zuid van Berlage. Met de Moongates en de toegangspoort in het Olympisch Kwartier als sluitstuk.

Terwijl ik sta te fotograferen in het poortje naar het Hygieaplein, raak ik in gesprek met een echte fotograaf, DSC03533een Engelsman. Hij zou de fietsen of de verkeersstopborden graag van het fotobeeld verwijderd willen zien, zegt hij. Dan krijg je mooiere architectuurfoto’s.
But that’s life” geef ik als commentaar. Net als de kapotte neonringen, die ik fotografeer, de lichtcirkels die om de haverklap door voetballen of andere botsingen in de tuinpoorten in stukjes naar beneden hangen. Niets is perfect. Ook de maan is niet altijd vol. Dus ook de Moongate niet.

De fotograaf vraagt wat ik aan het doen ben. Ik fotografeer in de buurt “lots of ports” antwoord ik en schiet hardop in de lach als ik zijn fronzende wenkbrauwen zie en ook zelf mijn Engelse taalfout hoor. Maar het is wel een leuke taalfout om i.p.v. “gate” de onderdoorgangen een “port” te noemen: een haven!DSC03799

De stadspoorten in Zuid vormen immers een haven van rust temidden van de drukte.

In Plan Zuid van Berlage, uit 1917, werden woonwijken bewust afgeschermd van drukke doorgangswegen als de Stadionweg, Olympiaweg en Marathonweg, door poorten in de bakstenen woonblokken aan te brengen. Hierdoor ontstonden er binnenhoven en stille pleinen, zoals bv. het Hygieaplein of de Sportstraat (foto).
Ook daarbij hebben de architecten van het Olympisch Kwartier willen aansluiten. En spreekt Stadsdeel Zuid van “Plan Zuid in de 21e eeuw“.
En noem ik de neon Moongates van Hoebink in de glazen tuinpoorten een 21e eeuwse interpretatie van Amsterdamse School-verfraaiing in architectuur.

Hestia, Vuurgodin


(dit stuk is met kerst 2014 eerder geplaatst op https://www.facebook.com/FaceToFaceOlympischKwartier/

Als alles duister is, ontsteek dan een lichtend vuur dat nooit meer dooft, nooit meer dooft…“.

Er klonk een monotone mantra hypnotiserend door “De Duif” heen, een kerk op de Prinsengracht. Zin na zin klonk het, in een eindeloze herhaling. Ik zong het Lied van de Ziel, in het mantrakoor van “stembevrijder” Jan Kortie.

De kerk was in t donker gezet; het was wachten op het Licht. Of het nou lichtjes van kerst waren of licht van de Winterzonnewende (21 december) of ander Licht. We zongen zowel de Indiase godin Shiva toe, als een “Heer, ontferm u” in het Russisch, als een universele mantra “Ohm, Shalom, Salaam” over Vrede.

Ik moest bij die mantra over het vuur, dat niet zou doven, denken aan de Vestaalse Maagden, de priesteressen in de tempel van de Romeinse godin Vesta – de Griekse godin Hestia.

hestia___gift_by_artemismelissa-d5i337i

Ik woon in een Griekse godinnenwijk en mijn woonkamer grenst aan de Hestiastraat.
Die Vestaalse Maagden moesten op het altaar in de tempel ter ere van Vesta/Hestia het vuur eeuwig laten branden. Het vuur mocht niet doven.
Ze waren maagd in de betekenis van “niet-gebonden aan een man”, zij hadden geen echtgenoot. Net als Hestia, de zus van oppergod Zeus.

Zij werd vereerd in het huiselijke haardvuur, dat brandde in een ronde haard, in het midden van het huis. Haar symbool was een cirkel. Misschien herkent u in haar Romeinse naam Vesta nog wel de merknaam van gashaarden van vroeger.

Ik vereenzelvig me graag met Hestia. Haar “persona” past me als geen ander, zoals mijn woonkamer ligt aan de straat met haar

hestia

naam met een uitzicht op de ronde oplichtende neoncircel in de tuinpoort.
Ik ben graag de vrouw van de vuurpotten. Ik ben een kaarsjes-freak: mijn huis zit vol met lantaarns, waxinepotjes, olielampjes, kaarsenkandelaren, ook als het geen kerst is. Ik bezit zelfs een dvd met openhaard-vuur! Hoe warm wilt u het hebben?

Eerder in 2014 heb ik al die vuurpotten van me – Hestia’s huiselijke haardvuurtjes – op de Facebook-site al in een filmpje verwerkt, met een sfeervolle Mariacantate eronder op muziek van Händel, onder de titel: “Hestia: een huis waar het vuur u welkom heet“. (zie onderaan)

Het paste toen mooi bij het Olympisch vuur, dat in 2014 brandde bij het Olympisch Stadion hier om de hoek. Maar het past nu ook mooi bij het Licht van kerst en het Licht van de Winterzonnewende van 21 december, het is dus Hestia die u hier een Lichtgroet brengt, nu de dagen allengs weer gaan lengen. Met een Hestia-ritueel werd bij de Grieken een huis ingewijd, maar ook bij de geboorte van een kind hoorde een Hestia-ritueel rond een haardvuur.

20141219_151010

De buurt rond het Olympisch Stadion was vanaf 1928 een Griekse goden en heldenbuurt, met straatnamen vernoemd naar stoere mannen als Jason en Achilles en Agamemnon. En met een Apollo- en een Minervalaan. Toen er plannen waren voor een nieuwbouwwijk werd er na een enquete onder de bewoners in de Stadionbuurt heel bewust gekozen voor vrouwelijke straatnamen in het nieuwe Olympisch Kwartier, zowel van Olympische godinnen als van nimfen, dochters van Titanen.

De Griekse mythen over de wereld en het heelal kenden behalve Goden en gewone stervelingen ook Titanen en Giganten, Reuzen en Cyclopen (zie mijn FB-column over The Titanic-tentoonstelling op de Zuid-As, 27 april 2014). Zij allen streden volgens de Grieken met elkaar om kracht, macht en invloed, zowel in de Hemel als op de aarde.

155-gods_goddesses_chart

Het was Oppergod Zeus die volgens de Griekse mythologie zijn hoofdkwartier op de Olympus hield, de hoogste berg in Griekenland. De Griekse dichter Homerus noemde de Olympus Het Huis van de Goden.

Zeus woonde daar o.a. met zijn moeder Rhea, zijn zus Hestia, zijn dochter Artemis en zijn vermeende dochter Aphrodite. Het zijn stuk voor stuk namen van straten in het Amsterdamse Olympisch Kwartier geworden, met aan de rand van de wijk de Hesperiden, de vermeende dochters van de sterke Atlas, de Titaan die (als straf) het hemelgewelf op zijn schouders moest dragen van Zeus.

En met centraal in de wijk, mooi rondgebogen als de horizon, Eos, de Titanendochter, die als Godin van de Dageraad werd beschouwd.

greek-gods-family-tree-genealogy-1234

Elke Godin had zo haar eigen eigenschappen en kwaliteiten. Een Aphrodite was een ander type dan de huiselijke Hestia of de energieke Artemis. Zoals het ene type vrouw de andere niet is. In esoterische kringen – en in de psychologie van Jung – worden de godinnen wel als archetypen gebruikt, waaraan je je als vrouw kunt spiegelen of waarbij je bepaalde kwaliteiten bij jezelf kunt stimuleren of ontwikkelen. Iets meer Aphrodite in jezelf? Of een vleugje meer Athena? Er zijn zelfs olietjes en sprays die dat kunnen bevorderen! Zoals u aan mijn mooie flesje godinnnenspray van Hestia kunt zien 😉

index

Een aardig boek wat dat betreft is “Godinnen in elke vrouw“, het boek van de Jungiaanse psychiater Jean Shinoda Bolen uit 1989. Zij ziet de Griekse godinnen als beelden van vrouwen, zoals die al meer dan drieduizend jaar in het menselijke voorstellingsvermogen liggen. “Hun mythen geven aan wat voor hen belangrijk is, en laten in beeldspraak zien hoe een vrouw die op hen lijkt, zich zou kunnen gedragen“.

Ze wijst op de introverte huiselijke aspecten van de Hestiavrouw, die goed alleen kan zijn (“zichzelf genoeg was”) en een naar binnen gericht bewustzijn heeft.

“Hestia vertegenwoordigt het Zelf – het alleen intuïtief kenbare spirituele centrum van de persoonlijkheid van een vrouw, dat zin geeft aan haar leven”, lees ik.

Onder invloed van Hestia is een vrouw niet ‘afhankelijk’ van mensen, bezittingen, resultaten, prestige of macht. Ze voelt zich Heel zoals ze is”.

Maar Hestia’s neiging om het gezelschap van andere mensen te ontlopen wordt nog versterkt doordat ze voor haar vorm van “zichzelf genoeg zijn” rust nodig heeft”.

“Meditatie activeert en versterkt dit introverte, naar binnen gerichte archetype. Wie ermee begint, maakt er al snel een dagelijkse gewoonte van, omdat het een gevoel van heelheid en concentratie geeft, een innerlijke bron van vrede en verlichting is, en toegang biedt tot Hestia”. (Bolen, 1989, p. 117)

Het mantrakoor vrijdagavond meanderde van mantra naar mantra, van land naar land, van cultuur naar cultuur. “Ohm, Shalom, Salaam” zongen we in De Duif: “Moge jij vrede hebben met wie je bent en met de wereld waarin je leeft”.

Een mooiere kerstboodschap kan ik u vanuit mijn multi-culturele Godinnenwijk niet wensen.

http://www.loesje.info/esoterie/godinnen_in_elke_vrouw_samenvatting.htm

Rothko als laatste wens


Jarenlang had ik een ingelijste Rothko-poster boven mijn eettafel hangen. In het glas werd het hele interieur weerspiegeld. Hij zou zich werkelijk omdraaien in zijn graf, Mark Rothko.
Eten en kunstkijken, dat ging niet samen bij hem. Zijn schilderijen waren bedoeld voor contemplatie. Niet als behang. Dus gaf hij ooit een (omgerekend naar nu ) miljoenencontract voor de muren van een chique restaurant in Manhattan terug aan zijn opdrachtgever, nadat hij in Florence in het San Marco-klooster in stille kloostercellen ervaren had hoe meditatief de fresco’s van de 15e eeuwse Fra Angelico op hem inwerkten.

Zo wilde hij het. En niet anders. Hij wenste dat de eetlust van de gasten hen zou vergaan in dat peperdure restaurant in New York en dat zijn Bruinen en Kastanjeroden hen het gevoel zouden geven “gevangen te zitten”.
Een gepijnigd man hoor, die Rothko. In 1970 op 25 februari – precies 45 jaar geleden –  stopte hij ermee: nam in zijn atelier, temidden van zijn grote ‘murals’ — zijn metersgrote schilderijen – een overdosis anti-depressiva en sneed zijn polsen door.

Vorige week was ik in Den Haag en deed een ochtendje “Vaticaan”  met een 3-D bril op mijn neus in de bioscoop en ’s middags ‘deed’ ik de Rothko-tentoonstelling. Een introspectief dagje. Allebei in Hoger Sferen, zeg maar. Al zal niet iedereen dat bij de grote kleurvlakken van Rothko zo ervaren.

’s Ochtends in de documentairefilm The Vaticans Museums 3 D ging ’t over de Grieks/Romeinse beeldhouwkunst, die de basiscollectie van de Vaticaanse musea vormt en hoe deze Antieke kunstenaars het Geheim van het Leven hadden proberen te vangen in hun beelden.
In de Renaissance poogden Raphael en Michelangelo dat opnieuw: “Kunst is de spirituele reis van de mensheid naar opperste schoonheid” zei een paus, volgens de film. En Michelangelo deed alsof ie God was, als schepper uit ’t Niets, toen hij het Leven dat in het marmer zat, probeerde te Ontsluiten.

Wat deed Rothko eigenlijk anders? Ik laat u 2 filmpjes zien. De ene is de trailer van de 3-Dimensionale film The Vatican Museums, de ander is een video van de Rothko-Chapel in Houston, die – buiten de drukte van 4300 bezoekers p/dag om – in Den Haag ook te zien was als video. En bepaalt u dan voor uzelf: welke reis spiritueler is, die van Rothko of die van het Vaticaan?

20150221_140020Wat wilde Rothko anders, dan ons achter de dagelijkse werkelijkheid te laten kijken, op zoek te gaan naar de diepere lagen van de ziel, ons onderbewuste aan te boren, ons confronteren met de stilte in onszelf?
In plaats van een plaatje van de realiteit te maken – een nabootsing –  ging hij op weg naar abstractie. Naar een IDEE over de realiteit, geen plaatje.
Voor een Joodse Russische immigrant als Markus Rothkowitz, met een in ’t zwart geklede Cheider- en Talmoed-achtergrond, is dat niet zo’n vreemde stap, stelt zijn biograaf Annie Cohen-Solal in haar recent in t Nederlands uitgekomen boek. In de joodse tempels waren afbeeldingen afwezig.
Werd bij de surrealisten de werkelijkheid vervangen door (verwrongen) droombeelden. Bij Rothko stap je in zijn Zwart een heel Universum binnen. Allesbehalve een plat vlak.

20150221_141210”Nee, ik heb zelf geen mensen zien huilen, maar collega’s wel,” zegt een suppoost tegen mij.

Wel heb ik tot 3x toe hier mensen over de tentoonstelling begeleid, met brancard en al, terminale patienten, die als hun laatste wens hadden: Rothko zien”

”Eerst Rothko zien, dan sterven??”  vraag ik verrast, “Kunt u zich daar iets bij voorstellen?’

Nee. Maar er was wel een keer een oude moeder bij met haar dochter, ik dacht, he..dat lijkt mijn moeder wel… daar komt mama binnen….maar dat kon niet, die is er niet meer…en ja, als ik dan die dochter even de hand van die moeder in dat bed zie pakken, bij zo’n schilderij…kijk…dan vind ik dat veel mooier dan die hele Rothko”.

‘U kunt geen Rothko meer zien?’

‘Ik kan geen Rothko meer zien, nee. Maar wel mooi was een keer een mevrouw, die zag ik staan met haar armen wijd opengespreid, staan wiegen voor t laatste schilderij van Rothko. Dat rode. Dat hier naast “Victor Boogie Woogie” hangt…’t laatste schilderij van Mondriaan.Toen liep ze weg en kwam weer terug en ging ze opnieuw zo staan. Wiegen. Met ‘r armen wijdopen.’

”Ze ontving Rothko, zeg maar en liet ‘m binnen’?

20150222_115738De oneindige ruimte van Rothko moet je niet afbakenen met een passe-partout en een lijst erom heen boven je eettafel. Zijn ‘murals’ hebben geen lijst. En geen naam, omdat ze niet aan de gewone werkelijkheid willen refereren.
Inmiddels hangt er alweer lange tijd iets anders boven mijn tafel, en heb ik gewoon een hele muur in siennarood laten verven. Maar die verf heeft niet de lagen, de diepte en de transparantie van een 3x 3 m grote Rothko-mural, opgebouwd uit zware pigmenten met eigeel.

Dat je dat als “laatste wens’ hebt, om vóór je dood gaat Rothko te willen zien. Een ander zou zeggen: eerst Rome zien, dan sterven. Toevallig deed ik beide reizen vorige week op één dag. (Maar eigenlijk is het: Napels zien…).20150221_134934

  • Mark Rothko, biografie: Annie Cohen-Solal, 2014
  • Rood, toneelstuk NT Gent, Brussel, 2013
  • tentoonstelling Haags Gemeentemuseum t/m 1 maart 2015

Witte fiets “on the road”

images20XRFTTOHet is met mijn fietsen, als met de mannen in mijn leven. Ze komen en gaan in de loop der tijd en ik moet me er vooral niet teveel aan hechten. Ze zijn “on the road”. Soms zijn ze gewoon “op” die fietsen, soms worden ze gestolen, soms wissel ik ze in. Ik ben inmiddels, om tal van redenen, aan mijn 20e fiets toe. Over mijn mannen zal ik t maar niet hebben;-). Ik heb roze en zwarte (fietsen) gehad. Sinds een tijdje berijd ik een witte. En ik voel me er geweldig op: als een hippie, wit en rebels, vrolijk en vrij als een vogeltje in de lucht.

IMG-20140827-WA0001Dit jaar is het 50 jaar geleden dat de Provobeweging in Amsterdam ontstond. Op 5 februari ging de film “Rebelse stad, Provo en de onstuimige jaren zestig”  van Willy Lindwer in première.
Wit was de kleur van de vrolijke plannen van Provo. En wit was de kleur van hun fietsenplan.

De witte fiets is nooit op slot”,  verkondigde hun pamflet (Provokatie no. 5), “De witte fiets is het eerste gratis, gekollektiviseerde vervoermiddel. De witte fiets is een provokatie van het kapitalisties privé-bezit; want de witte fiets is anarchistisch. Er zullen meerdere witte fietsen komen tot ieder van het witte vervoer gebruik kan maken en het autogevaar geweken is.”.

Provo hield zich bezig met een beter milieu (fiets-rijk, auto-luw), demokratisering, vrijheid in relaties, allemaal issues die invloed hebben gehad op de Nederlandse samenleving.(zie: De provo en de hippie : http://youtu.be/zOVmbvYZHiE).
Een historicus zei ooit: “De jaren 60 hebben de Nederlandse samenleving meer veranderd dan de Tweede Wereldoorlog”. Dat is nogal niet wat!
Luud Schimmelpennink (1935), oud-Provo, is de bedenker van het Witte Fietsenplan in Amsterdam. In 1967 diende hij een voorstel in voor 2000 gratis fietsen.

“Die gemeenteraadsleden zeiden…die fietsen…dat is meer iets van de Hongerwinter. De glorieuze toekomst is aan de auto”, vertelt Schimmelpennink, op 31 januari in een tv-uitzending van Eén Vandaag:
Maar jullie snappen het niet, zei ik, het is gewoon een vorm van individueeel Openbaar Vervoer. Je kan ook een ander vervoermiddel nemen, je kan ook een electrische auto maken.”

Zo werd naast het Witte-fietsenplan ook het plan voor de electrische Witkar geboren.

Het was een verandering van mentaliteit,” zegt Schimmelpennink op tv, “dat was precies de bedoeling van Provo. We wilden niet aan de macht, we wilden niet gaan besturen, we wilden de mentaliteit veranderen.” 

ANP01_15392024_XOok John Lennon en Yoko Ono kregen in de jaren 60 een witte fiets van Provo aangeboden, toen zij in het Hilton Hotel hier in Amsterdam-Zuid, vlakbij het Olympisch Kwartier, hun beroemde Bed-In- Vredesactie hielden.

Die week in bed, maart 1969, paste helemaal in de witte plannen en ludieke acties van Provo. Lennon en Ono, in het wit gekleed, verbleven tijdens hun witteboodsweken een week in hun hotelkamer, ontvingen 8 dagenlang de hele wereldpers vanuit hun bed, en hielden betogen voor de wereldvrede.

 Het was de tijd van de Vietnamoorlog. De tijd van Make Love, No War. En songs als “All we’re saying: is Give peace a chance“.

De hoofdportier van het Hilton werd er, naar verluid, in zijn vrije uurtjes op uitgestuurd om in een winkel in de Zeilstraat macrobiotisch voedsel voor de twee te kopen. Bruine rijst, sojasoep en geitenmelk.

In The Ballad of John and Yoko, een single van de Beatles, komt 3 maanden later het verblijf in Amsterdam even “voorbij fietsen”:
Drove from Paris to the Amsterdam Hilton
Talking in our beds for a week
The news people said,
“Say what you doing in bed?
I said, “We’re only trying to get us some peace”

JOHNYOKO
Op de achtergrond A’dam Zuid- Minervalaan

In de film Bed Peace (zie link onderaan) komt het idealisme van Lennon en Ono, hun wereldwijde (nog steeds actuele) Vredesboodschap van 1969, goed tot uiting. Gefilmd tijdens hun Tweede Bed-In in een hotelkamer in Montreal.

En mijn eigen witte fiets? Een privé-fiets, maar wel “on the road”. En dat is sommigen in het Olympisch Kwartier een doorn in het oog, terwijl de straten hier bomvol met auto’s staan. Men vindt het rommelig ogen, die fietsen en het architectuurbeeld aantasten. Zoiets als wasrekjes aan het galerijhek in de tuin. Dat wil men ook niet.

In de raadscommissie Ruimtelijke Ordening van het Stadhuis kwam laatst aan de orde of de privébergingen onder de flats wel voldoende zijn als oplossing voor het “fietsprobleem” op straat en of er misschien een collectieve voorziening moet komen, een ondergrondse fietsgarage. Het idee is dat die eerder gebruikt zal worden dan de individuele boxen.

Maar mijn probleem is: formeel mag ik niet met de fiets in de lift naar de box beneden en word ik geacht lopend met de fiets een steile helling af te gaan, iets wat zeker met boodschappen niet doenlijk is voor mensen met lichamelijke klachten. En er zijn heel wat mensen in de sociale huurwoningen die juist een medische indicatie hebben voor een woning met een lift.

20140908_152043Tja. Misschien rijdt u al jaren op 1 en dezelfde fiets, misschien woont u er wel mee samen – met de fiets in de schuur of in de box –  maar mijn fiets verblijft dus doorgaans op straat, mijn box is een beetje vol. “On the road” staat er op het frame van de witte fiets waarmee ik t alweer een tijdje doe.

Provo’s Fietsenplan is nooit goed van de grond gekomen in de hoofdstad. De privé-auto is nog steeds heilig. Wel heeft de electrische Witkar een tijdje het leven gezien.

Maar de discussie over het terugdringen van de auto uit de binnenstad, de schreeuwende parkeertarieven en het grote fietsenparkeerprobleem in de stad is actueler dan ooit.

Die fiets van mij staat voorlopig nog wel even buiten. Het witte mandje voorop, heb ik door mijn lover van t zomer eraf laten slopen. Het paste nl. nergens in een fietsenrek in Amsterdam.
T zal mij benieuwen hoelang ik er dit keer van kan genieten. Een kwestie van Niet Teveel Hechten zullen we maar zeggen. Net als met die mannen van mij 😉

  1. Februari 2015 draait de film Rebelse Stad: in Amsterdam in EYE –  8, 11, 15, 18, 22 & 25 februari  en in Het Ketelhuis –  5 t/m 11 februari, Zie ook: http://rebelsestad.nl/ of: https://m.facebook.com/rebelsestad?_rdr).
  2. Geschiedenis 24: De provo en de hippie : http://youtu.be/zOVmbvYZHiE
  3. film over het idealisme: “Bed peace” van Lennon en Ono : https://www.youtube.com/watch?v=mRjjiOV003Q&feature=youtu.be
  4. liedje over witte fiets, Henk Wijngaard: http://youtu.be/O4-lb2QZpMc
  5. Pdf-verslag van 8 dagen Hilton: http://patrickvandenhanenberg.nl/wp-content/uploads/2013/08/In-bed-met-John-en-Yoko.pdf
  6. Het Hiltonhotel is op mijn Facebooksite eerder besproken: in een column over het beeld De Denker van Rodin: https://www.facebook.com/notes/face-to-face-column-olympisch-kwartier/column-de-denkers-van-zuid/249386918578260,
  7. in een column over mijn zwakte voor Grand hotels: https://www.facebook.com/notes/face-to-face-column-olympisch-kwartier/column-grand-hotels/239978769519075
  8. en in een column over de na-oorlogse bouw van Nieuw-Zuid: “Heien”: https://www.facebook.com/notes/face-to-face-column-olympisch-kwartier/heien-de-hartslag-van-de-stad/320182501498701

Stoned forever

DSC03557De laatste keer dat ik stoned was, zal toch zeker wel een kleine 10 jaar terug zijn. Ik was op een feestje, stond stijf van de forse pijnstillers, ging toen toch leuk aan de wijn en in de loop van de avond schoof er een waterpijp voorbij. Ja zomaar, haha. Geen flauw idee wat erin zat, maar t kwam wel hard binnen bij die opiaten die ik als pijnstiler al geslikt had, ik ging bijkans knock-out, en bleef de hele nacht tot in de vroege ochtenduurtjes werkelijk ape-ape-stoned.

Tegenover mijn serreramen kijk ik elke dag uit op een tekst in de bakstenen muur. Stoned forever-staat er, op kniehoogte in het muurtje van de plantenbakken. Forever in stone. sandberg_ols_brickmodel_s_01_bigAls je het niet weet, kun je het niet lezen. De letters zijn te lastig. De letters bestaan niet zelfstandig, maar zijn samengesteld uit metalen losse baksteen.

Wat staat er nou precies?”, vroeg ik hangend uit mijn raam, toen ik op een middag in 2008 buiten op straat twee mannen foto’s zag maken van de tekst in de bakstenen muurtjesHet Olympisch Kwartier als wijk was amper opgeleverd, ik woonde er een half jaar en hoewel er nog een hoop zand in de straat lag, liepen er al groepen architectuurstudenten rond, om te zien hoe het Olympisch Kwartier als moderne nieuwbouwwijk aan wil sluiten bij de (late) Amsterdamse School-stijl uit het Plan Zuid van Berlage.

DSC03504
A’damse Schoolstijl 1919-1923, Amstelveenseweg t.o t Olympisch Kwartier

Bij die Amsterdamse School-bouwstijl ging het rond 1920 om grootschalige huizenblokken, met daarin individuele woningen voor arbeiders en burgers, elk blok ontworpen als een soort sculptuur, waarbij architectuur verfraaid werd met kunstzinnige details. Gebouwd door veelal socialistische architecten, in opdracht van het Amsterdams stadsbestuur met socialistische wethouders als Wibaut en De Miranda, met als doel ook de arbeider en de gewone burger met schoonheid in aanraking te laten komen.

De kunst was te vinden in de vorm: sierlijk gemetseld baksteen, apart vormgegeven gevels, poorten, erkertjes en raamkozijnen, smeedijzeren versiersels en details in hout, huisnummerbordjes in sierlijke cijfers, stenen beeldhouwwerken op hoekpartijen, kortom: een overdaad aan “onnuttige” – niet altijd functionele – elementen, waardoor de Amsterdamse School-stijl als een Gesamstkunstwerk werd beschouwd tussen kunst en architectuur..sandberg_ols5_00_big De man naast de fotograaf, beneden bij mijn raam in de nog zanderige straat, bleek in 2008 de kunsteraar himself te zijn. De man van de stalen bouwstenen in de plantenbakken: Martijn Sandberg. Hij keek omhoog naar mij, toen ik ‘m vroeg wat voor tekst er tegenover mijn raam stond.

. “Ja, wat denkt u zelf?” gaf hij korzelig als antwoord.

Ik kan het niet lezen,” sputterde ik, terwijl ik er toch al een half jaar tegenaan keek.

Ja, een krant die kunt u elke dag lezen!” zei hij pinnig. “Hier mag u een levenlang over doen!”.

Nou, nou nou! Daar kon ik het mee doen, met dat antwoord. De letterontwerper bleek niet van plan zijn geheim te ontcijferen aan mij. Een beetje beduusd sloot ik mijn raam weer. Lag het aan mij, dat ik zijn antwoord een beetje arrogant vond?

“Stoned forever”, staat er dus. Ja, nu ik het opschrijf, ziet u het natuurlijk ook. De volgende regel is “Stoned again” of in een volgende muurtje “Forever in stone”. De tekst loopt als een slinger door de hele wijk heen, onderaan de plantenbakken, langs elk portiek, in elke straat. Tegenwoordig staan er doorgaans fietsen tegenaan.

Martijn Sandberg wilde geen losse elementen aan de architectuur toevoegen, maar in de huid van de architectuur zelf kruipen, zoals inkt in de poriën dringt bij een tatoeage,” schrijft StadsdeelOud Zuid in een speciale brochure in 2008 bij de opening van het Olympisch Kwartier. “Dan wordt kunst geen toevoeging bij architectuur maar wordt ze er onlosmakelijk mee verbonden”.

20150113_154641De ene letter is de andere niet. Dat had ik al snel door toen ik als student Journalistiek tijdens mijn eerste stage bij een landelijk dagblad een rondleiding over de letterzetterij van de krant kreeg. Alles werd toen nog in lood gezet, een gigantisch bedrijf: met letterbakken vol kant en klare letters van diverse origine. De tekst verscheen in losse letters in spiegelschrift in lood onder mijn neus. Het metalen “gekletter” van de loden letters, die in de haast tegen elkaar aan botsten, was het dominante geluid in de hal daar, in de Wibautstraat.

Als grapje liet zo’n man toen mijn eigen naam in lood smelten, misschien wel om indruk te maken op de jonge blom, die ik toen was, ik zou t niet weten, maar in ieder geval niet met de bedoeling mijn naam in zulke grote letters in de krant te drukken.

De vraag is: welk doel dienen letters? Gaat het om leesbaarheid of om kunst? Misschien is een krant iets anders dan een kunstobject? Mag je van letters in architectuur ook verwachten leesbaar te zijn of is dat het doel niet van toegepaste KUNST?

De oprichter van de groep “Amsterdamse School” op Facebook, Richard Keijzer, wees me er laatst op hoe kunstzinnige letters soms bijna hun praktische doel kunnen voorbijschieten. Hij liet zien hoe Amsterdamse School-letters uit het voormalige Scheepvaarthuis (het pronkstuk van Amsterdamse School-architectuur uit 1915 t.o. het Centraal Station) nu in het Amrathhotel dienst doen. 10931234_1542536129318890_6979810764439766512_n

Keijzer: “Neem bijv. het oude Scheepvaarthuis, waar nu een hotel in zit. De letters op de gevel hebben ze gebruikt voor eigen doeleinden, zoals deze tekst op de deur van de lift. Aan de vorm van de deur kun je wel zien dat het een lift is, maar de tekst zelf is moeilijk leesbaar“. Ja, je zou als hotelgast toch amper de hotellift kunnen vinden, maar…mooi zijn de historische letters wel! Elevator staat er, dus.

Beeldend kunstenaar Martijn Sandberg is geen typograaf. Het gaat hem vooral “om het spanning

sveld tussen beeld en tekst“, lees ik in de brochure van het Stadsdeel. “Dat heeft consequenties voor de directe leesbaarheid. Die is hier, in tegenstelling tot in de krant of bij een reclameboodschap, niet primair. Deze teksten hoeven niet in een keer begrepen te worden. Ze beogen de tijd juist te vertragen. Er is immers tijd genoeg om er langs te lopen. Ze staan “forever in stone” gegrift”.

nummersOok voor de huisnummers in het Olympisch Kwartier is een kunstenaar aangetrokken, Reinoud Oudshoorn.

In de Amsterdamse School-architectuur was typografie een essentieel onderdeel van het Gesamstkunstwerk: met bakstenen kon je “borduren”, met raamkozijnen en dakkapellen kon je creatief vormgeven, een deur was niet zomaar een deur maar kon een kunstwerk van hout op zichzelf zijn. En aan de huisnummers werd ook aandacht besteed.

In dezelfde lijn hebben de architecten en stedebouwkundigen voor het Olympisch Kwartier willen werken. Net als bij de Amsterdamse School typografie heeft elk huisadres een individueel nummer gekregen. Bij een flatingang annex huisdeur met 30 huisadressen zie je dus niet 1 – 30 staan, maar heeft elke bewoner zijn individuele getal gekregen.

De nummers van aluminium liggen als sculpturen op de gevels en wegen “bijna een pond per stuk” lees ik.

Oudshoorn “werkt het liefst op het raakvlak van de tweede en de derde dimensie, in het gebied tussen ruimte innemende sculpturen en de ruimtelijke illusie van het platte vlak”.

Maar ook hier is de leesbaarheid een probleem. Die cijfers zijn soms zo onduidelijk, dat taxichauffeurs of andere toevallige bezoekers, vaak de nummers niet kunnen herkennen. De 1, de 7 en de 9 zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden, maar ook de 2 lijkt voor sommige mensen wel op een 9.

Tis allemaal wel fraai, maar niet zo praktisch. Zegt u het nou eens, wat vindt u van dit soort kunst die is ingebed in de architectuur?

Over het derde geïntegreerde kunstwerk in het Olympisch Kwartier, de neon lichtcirkels in de glazen poorten in de bouwblokken, de zgn. “Moongates” van lichtkunstenaar Willem Hoebink, kom ik een andere keer graag te spreken.

Maar dan moet er eerst maar weer eens een forse “Afghaan” voorbijschuiven, vrees ik, en moet ik eerst maar weer ‘es na al die jaren een keertje goed stoned worden 🙂 om te weten in welke vorm ik dat dan moet gieten: als column of als uitleg bij een serie architectuur-foto’s van mij uit de Stadionbuurt.

“Everybody must get stoned,” galmt het steeds in mijn oren tijdens het schrijven van deze column. Bob Dylan zingt het nog steeds.

Bob Dylan – Rainy Day Women #12 & 35 (Live at Farm Aid 1986): http://youtu.be/lu9IQHxsrDU

Vriendschapshanddruk

“Mani incontrando” , Margot Homan

In de hal van ons nieuwe Stadsdeelkantoor prijkt een bronzen sculptuur van twee handen. “Weet u wat het betekent,” vroeg ik de mevrouw van de receptie. “Uhhh…Vriendschap,” antwoordde ze. “Geloof ik…” voegde ze er aarzelend aan toe. “Twee handen die elkaar schudden“.

Ja, dat zou heel goed kunnen in zo’n multi-culturele stad als Amsterdam.

Mij deed de sculptuur echter direct denken aan de handen in Michelangelo’s fresco van de Schepping van de Mens: een vingeraanraking van God.

Die verwijzing zou toch ook heel mooi passen bij het Aangifte doen van Geboorte en Dood bij het register van de stad, dacht ik even. Maar dat was een domme gedachte van mij: wellicht toch iets te religieus voor een Westers overheidsgebouw als een Stadsdeelkantoor.

Wij houden Godsbeleving en Burgermanszaken toch graag gescheiden. Althans: sinds de Franse Revolutie.

God schept de mens, fresco Michelangelo
God schept de mens, fresco Michelangelo

Ik kom echt voor Michelangelo’s vingertje“, zei een reisgenote tegen me toen ik ooit een kunstreis naar Italie maakte en we het Vaticaan in Rome zouden bezoeken. Ik wist toen nog niet zoveel over kunstgeschiedenis en begreep niet meteen waar ze op doelde. Mijn protestantse achtergrond had me een enorme achterstand opgeleverd aan beeldcultuur.

Kunst was toch eeuwenlang in het Westen vooral Katholieke kunst geweest, kunst gemaakt in opdracht van de Roomse kerk. En God en Jezus beeldde je niet uit bij de protestanten. Het ging, zoals bij Joden en moslims, om het Woord van God. Niet om Zijn afbeelding.

Toen ik dus een jaar of 15 geleden een serieuze aanvang maakte met mijn hobby kunsthistorie donderde ik echt het rijkse roomse leven en de kerkgeschiedenis in, en moest ik me suf lezen om de protestantse “schade” weg te werken.

de-sixtijnse-kapelIn het lijvige boek “De hemel van de paus” van pracht-schrijver Ross King las ik o.a. over de gewelfschilderingen van Michelangelo in de Sixtijnse kapel. Het is echt een pageturner dat boek. Ross King is romancier, maar is een kenner van Italiaanse kunst en architectuur en schrijft zijn historieboeken als een roman. Lees verder Vriendschapshanddruk