MOVE ON

20200124_193854
Ikzelf, Marion, opgenomen in het videokunstwerk van de Amerikaans/ Israelische kunstenaar Daniel Rozin in Move op het Stadionplein

Ik hoef niet veel en ver te bewegen om op loopafstand van mijn huis gefascineerd te raken door een videokunstwerk met een grote zon, waarin ik als kijker zelf zorg voor beweging, als ik de installatie nader. Ik word als het ware opgenomen in het kunstwerk. De video-installatie van Daniel Rozin (1961) hangt vlakbij een tentoongestelde futuristische auto die op zonne-energie rijdt.

1060360
Ikzelf word met mijn fototoestel onderdeel van de zon in dit videokunstwerk van Daniel Rozin, “Sunset Mirror” in Move, Stadionplein. Klik: op blogtitel voor online lay-out en video

1060368(0)

Beweging. MOVE, heet op het Stadionplein, tegenwoordig de gerenoveerde Citroënshowroom van architect Jan Wils, die ook het Olympisch Stadion in 1928 bouwde. In 1930 werd de showroom uitgevoerd in geel baksteen; in de jaren zestig witgekalkt.

10865_1

Het Nederlandse bedrijf PON, importeur van diverse automerken, waaronder Volkswagen, en eigenaar van diverse rijwielmerken, is in het witte Citroėngebouw getrokken en stelt daar onder de naam Move o.a. kunst tentoon, die met beweging te maken heeft.

1060297
Aan de achtergevel van Move is een klassiek Volskwagenbusje geplakt.

Op het dak van Move zien we van Jeroen Henneman (1942) een sculptuur staan, Schakelband, een soort fietsrad, die ’s avonds in neon oplicht. Het was eerder te zien vanaf de A6, toen het rad in Almere nog op het hoofdkantoor van Pon stond. Nu staat het op het Stadionplein.

1060398
Schakelband in neon, van kunstenaar Jeroen Henneman, op het dak van de firma Pon

Henneman is bekend om zijn platte tweedimensionale werken die een driedimensionaal effect hebben. In Amsterdam is hij o.a. bekend van zijn “Schreeuw” in het Oosterpark, een eerbetoon aan de vermoorde Theo van Gogh en de vrijheid van meningsuiting.

IMG-20190920-WA0001
2 foto’s van de Schakelband, door buurtgenoten Harm Smit/ Susanne van Drongelen

IMG-20190920-WA0002

Auto-importeur Pon zegt me, als Move geen echt museum te willen zijn, maar een Mobility Experience Center. Ja, zo heet dat anno nu, in goed Amsterdams😃. De kunst is aangekocht door het bedrijf om het begrip mobiliteit en beweging meer tot de verbeelding te laten spreken. 

1060383
Beetle Spheere, van kunstenaar Ichwan Noor, een verfrommelde Volkswagen Kever.

10865_2In de centrale hal, waar vroeger de Citroëns geshowd werden, staat als kunstwerk een lichtblauwe ronde opgerolde Volkswagen Kever, in verfrommelde status.

Pon, importeur van Volkswagens heeft ook een klassiek Volkswagenbusje aan de achterkant van de gevel van Move hangen.

De Indonesische kunstenaar Ichwan Noor (1964) maakt de opgerolde kever in tigvoud in polyurethaan en aluminium. In Amsterdam is zijn sculptuur “Beetle Sphere” ook in rood te zien in de Kalverstraatpassage.

Postmoderne Kunst hoeft wat dat betreft niet meer uniek te zijn. Het oude dogma van de originaliteit van een kunstontwerp is verdwenen, mede door de moderne reproductietechnieken en materialen waarvan ze gemaakt zijn.

Auto-importeur Pon gaat graag anno nu de discussie over mobiliteit aan. Aan de kant van het Stadionplein worden diverse electrische automobielontwerpen van de toekomst tentoongesteld, maar ook de Witkar uit de Provotijd, ontworpen door industrieel ontwerper/Provolid Luud Schimmelpennink, die zijn tijd ver vooruit was. Hij wilde de stad autoluw maken.

We passen ons aan. Vroeger dachten we dat de auto ons de vrijheid zou geven. Dat is inmiddels niet meer zo. We staan uren in de file tegenwoordig. We hebben hier ook een veelvoud van fietsmodellen tentoongesteld, omdat we denken dat dat de toekomst heeft,” luidt de salestalk van Pon, als ik aan de achterkant van het gebouw, vlak voor het Olympisch Stadion, binnenstap en word rondgeleid in een ruimte, die verdacht veel op een fietswinkel lijkt.

Alle grote fietsmerken die je kunt bedenken financiėren mee aan dit MOVE-ideaal van Pon. De e-bike en de Swapfiets, die je kunt huren per abonnement, zijn allemaal aanwezig. Ook Greenwheels, de gedeelde huurauto op abonnementbasis, is onderdeel van Pon.

1060376(0)

Het is een grote wonderlijke mix van commercie en kunst daar op het moderne Stadionplein. Met een hip sausje eroverheen van klimaatbeheersing.

Waar eens in 1928, voorafgaand aan de Citroëngarage uit 1930, tijdens de Olympische Spelen het gebouw voor de bokssport stond – met daarnaast het gebouw voor schermsport – is alles dus volop in beweging.

20200124_195345

Een bewegende sculptuur van staal en glas, “Amplitude” van Studio Drift hangt onder het glazen plafond in de centrale hal, de vroegere Citroënshowroom. Het lijkt op een vogel in slow motion, het kunstenaarsduo Lonneke Gordijn (1980) en Ralph Nauta (1978) is gefascineerd door beweging in de natuur en vliegen. De beweging van de sculptuur is computergestuurd.

1060333(0)1060319Daarnaast herbergt Move bovenin het gebouw, restaurant Wils, waar gekookt wordt op houtvuur, en aan de achterkant beneden een café Madame Cyclette, waar fietslampen het design van de verlichting vormen en de hippe gefermenteerde groenten in glazen wekpotten, de worteltaart en selderijstengels op de bar je in een bepaalde mood moeten brengen. Een bepaalde move.

IMG_20191219_133407505_BURST000_COVER
Fietslampdesign in Madame Cyclette

MARKETINGTAAL

Het witte gebouw vormt samen met de nevenstaande gerenoveerde strakke Citroëngarage uit 1960 (eveneens ontworpen door architect Jan Wils) nu het gebouwencomplex The Olympic Amsterdam. De garage uit 1960 heet nu natuurlijk The Garage en huisvest  bedrijven en restaurant Neni, met palmbomen.

Met vuurvreters, vuurwerk en zelfs Olympisch vuur wordt het complex op 30 januari geopend in het bijzijn van o.a. buurtbewoners. Het wordt nogal een spektakel, met ook de Commissaris van de Koning erbij. Het vuur van Amsterdam brandt, luidt de slogan.
Gelikter kan het niet.

Hoe sport, commercie, kunst en horeca fuseren in het postmoderne tijdperk.

Come on, Marion, spreek ik mijzelve toe. This is 2020! De witkartijd is voorbij. Move on!

Buiten aan de gevel hangt de tekst: “To keep your balance you must keep moving”. Daar doe ik, al wankelend tijdens het fotograferen, mijn stinkende best voor.

Gelukkig heeft het zwarte meubelkunstwerk “11 rue Simon-Crubellier” van de Brit Matthew Darbyshire aan de overkant op het Stadionplein tenminste een Franse titel.

Ook lekker Mokums ;-).

20200124_191357
De achterkant van Move

#theOlympicAmsterdam #Olympisch Stadion

NAAKT IN DE ORKAAN


video, kijk hier online: We zullen doorgaan
(hommage aan Ramses Shaffy, 1 dec 2009 – 1 dec 2019):

Ik “zing, vecht en huil”. En soms “bid” ik zelfs, “werk en lach” ik om mezelf. Of “bewonder” ik iets in iemand.

Ik probeer “door te gaan“, “in een sprakeloze nacht”, “in een loopgraaf zonder licht” , telkens als ik stilsta, om weer door te gaan”.

Ramses Shaffy (29 aug 1933-1 dec 2009) laat mij huilen deze week met zijn chansons, met zijn stem, zijn timbre, ik zing luidkeels in tranen mee, wat de buren er ook van mogen vinden. Soms kijk ik naar omhoog naar de blauwe lucht, zoals “Sammy” moest doen, omdat hij teveel gebogen liep, teveel alleen deed. Ik kijk naar mijn voeten, waar die mij moeten brengen de komende tijd, zelfs “als het stil is in Amsterdam”.

Ramses belichaamt voor mij alles wat met de vrijheid van de jaren ’70 in Amsterdam te maken heeft. Mijn Amsterdam. I was a flowerpower girl, you know. Ik had bloemetjes op mijn spijkerbroek geborduurd, ik rook naar Indiase Patchouli-parfum, at mijn eerste Space-cake en droeg in mijn hippie-jaren een uilenbrilletje op mijn neus. En iets van dat meisje zit nog steeds in mij.
Shaffy is voor mij Amsterdam. Ik ben niet van Hazes, niet van Froger. Ik ben van Shaffy. Ik ben een geboren Amsterdamse. Hij zingt mijn levenslied. Het lied van mijn stad, met zijn eenzame dolende zielen in de nacht.

Deze diashow vereist JavaScript.

LACHENDE MAAN

Op de lagere school in de Wodanstraat bij de Stadionkade – het was 1966 en ik had mijn eerste bril al op mijn neus – zongen we, als het speelkwartier was, over ‘”Sammy”, die zich verloren voelde en die vaker naar de blauwe lucht moest kijken, waar de maan naar hem lachte, volgens Shaffy.

Lezers van Face to Face weten, dat ik nog altijd graag naar de maan kijk. Ik bracht de laatste jaren bij diverse maansverduisteringen, voor mijn blog halve nachten buiten door met mijn fototoestel – tussen de kunstzinnige neon mooncirkels van beeldend kunstenaar Willem Hoebink in de glazen tuinpoorten van het Olympisch Kwartier. Die maancirkels in mijn godinnenwijk inspireren me eigenlijk iedere dag.

Ik liet u met me meekijken op Face to Face en hoop nog vaker zulke foto’s te kunnen maken. Weet u wel, dat de binnenkant van ons oog op een oranje geaderde bloedmaan lijkt, zag ik laatst op een scan van mijn oog (alleen is het bij mij niet meer zo mooi oranje, ik heb onverwachts ernstige problemen met één oog, dus tja, kan ik nog wel mooie foto’s maken nu? Ik weet het niet. Typen is ook al zo lastig…)

In de zomer van 1975, toen ik al ras na de uilenbril mijn eerste contactlenzen kocht en er een wereld voor me openbarstte buiten de Stadionbuurt, in dat jaar bracht Shaffy zijn chanson “We zullen doorgaan” uit.

Met de wankelende zekerheid, om door te gaan”
“met het zweet op ons gezicht, om alleen door te gaan”
” Naakt in de orkaan”.
(1 december 2019: In Memoriam Ramses)

Friet op de Parnassus

s710742923750749015_p3_i2_w640.jpg
Het Parnassusbergmassief in Griekenland met Orakel van Delphi ter ere van Apollo

Parnas heet tegenwoordig de wijk die de Amsterdamse Stadionbuurt verbindt met de Zuidas. Althans, in trendy stedebouwkundige termen heet die wijk zo. Je moet toch wát, om je vastgoed te verkopen?
Het gebied is in ontwikkeling. De Amsterdamse Rechtbank wordt opgepimpt en de kantoortoren uit 1977 aan de Parnassusweg geheel gestript, van een glazen façade voorzien met restaurant aan het water en verhoogd tot bijna 60 meter. Voor de bewoners rondom de Stadionweg betekent dat een extra stukje blauwe lucht minder. De hoogbouw van de Zuidas rukt op.Zo’n toren heet tegenwoordig een Tower, zoals ook het hotel aan het eind van deze bebouwde Parnas-strook nu Olympic Hotel heet en de opgeleukte Citroëngebouwen naast het Olympisch Stadion, The Olympic zijn gaan heten. Oh, oh, wat zijn we hot. Nu krijgen we in september dus ook een Parnassus Tower.

20190821_222146.jpg
Amandelvormig brughuisje op de Parnassusbrug met moderne Parnassus Tower .

Geen Amsterdammer noemt het gebied Parnas. Elke Amsterdammer kent de Parnassusbrug vooral van de twee friettentjes, die er sinds jaar en dag aan beide zijden van de brug huizen in de prachtig gesculptuurde brughuisjes in Amsterdamse Schoolstijl van architect Piet Kramer (1881-1961).

De bestemming van de amandelvormige huisjes was altijd een kiosk, er heeft nog een rijwielzaakje ingezeten en onderin waren er urinoirs. Ook de afdeling Beplanting van de Gemeente gebruikte een huisje(*2)Op de brug zelf vallen de ingebouwde glooiende banken op, het siersmeedwerk in de brugleuning en aan weerszijden van de brug de gebeeldhouwde stenen beelden van Hildo Krop (1884-1970). Ik bedoel: het is niet zomaar een brug, het is een prachtbrug, een meterslang architectonisch bouwwerk, een schoolvoorbeeld van organische architectuur in mijn ogen.

Zwevende Muze, beeld van Hildo Krop (1884-1970) uit 1941, geplaatst 1957 op de Parnassusbrug

FILM

Via NPO-start (of via de link onderaan dit blog) kunt u een grappige, 30 minuten durende film “Parnassus” zien, waarin op deze Parnassusbrug een modern Romeo en Julia-liefdesdrama wordt uitgevochten, tussen de twee families in de friethuisjes, recht tegenover elkaar op de brug. Zie hier de trailer: 

De twee frietboeren met hun zoons beconcurreren in de film elkaar bijkans dood. Maar ja, dan komt er een zus in het spel…en vechten liefde en haat om de overhand. Een filmdebuut uit 2015 van de jonge acteur/regisseur Robin Boissevain (1996), waarin de oude Parnassuskantoortoren nog te zien is.1050531(0).jpgOké, de Parnassusbrug kennen we van de friet. Maar wat er nou op de Parnassus-berg gebeurde in het Olympische Griekenland???? Misschien weten we nog nét dat Montparnasse een kunstzinnige wijk op een heuvel in Parijs is, iets waar mondain Amsterdam nu met zijn Frans-klinkende Parnas op inspeelt.1050511.jpgDe brug verbindt vanaf begin jaren ’40 het toen nog landelijke Buiten-veldert met de Stadionbuurt. De hoekflats aan de Parnassusweg lijken wel een toegangspoort tot de Zuidrand van de stad. Daar begon Amsterdam. De weg loopt uit op het Olympiaplein, en aan de andere kant van dat plein begint de Apollolaan.
Ahh, denk ik, wat zit er toch een vernuftig doordacht systeem in die hele naamgeverij van zo’n stad!

APOLLO EN ZIJN MUZEN

Want het was Apollo, god van de muziek en de schone kunsten, die op de Parnassusberg, in het plaatsje Delphi, in een tempelcomplex vereerd werd in het Olympische Griekenkand. Samen met zijn negen Muzen, die allerlei kunstenaars inspireerden.

Vandaar ook dat fantastische stenen beeld van een Muze op de Parnassusbrug, aan de voet van de Parnassus Tower! Heeft u er wel eens bij stilgestaan?

Apollo met dichters en muzen op de Parnassusberg, fresco van Rafaël: 1509-1511

Een Apollolaan achter een Olympiaplein en een Parnassusweg: daar zit dus een hele gedachte achter. Ook de aangrenzende schildersstraten, genoemd naar bijvoorbeeld Rafaël, Tintoretto, Watteau volgen daar logischerwijs uit voort. Met een Cliostraat middenin de schildersbuurt, de naam van een muze. En ook de muzikale namen als Mahler, Stravinksy, Gershwin, Vivaldi voor straten, tunnels en gebouwen op de hippe Zuidas.

Deze zomer stond er een houten versie van Apollo met dansende muzen op de Apollolaan tijdens #ArtZuid, waarover ik eerder schreef in Muziek in wrakhout van de jonge architect/kunstenaar Ivan Cremer.

20190608_014238.jpg
Apollo en zijn 9 muzen op de Apollolaan #ArtZuid, Ivan Cremer

En er was een gouden Apollo op de Parnassusberg in Amsterdam te zien tot 25 augustus, tijdens de tentoonstelling De Schatkamer, Meesterwerken in de Hermitage. Een Apollo met lier – net zoals de lier bovenop het Concertgebouw – maar in de Hermitage stond Apollo bovenop een 18e eeuws bureau van een Duitse meubelmaker Rõntgen, gemaakt in opdracht van de Russische keizerin Catharine de Grote: Apollo and the Arts, a musical marvel: een krankzinnig barok bureau dat zich als een muziekdoos opende!

Apollo bovenop de Parnassusberg, op een bureau, in de Hermitage van Amsterdam

Die ambtelijke afdeling die een namensysteem bedenkt voor een stad, een wijk, een buurt kàn dus blijkbaar best zijn stedebouwkundige werk uitstekend doen. Als ze willen. Dan brengen ze logica in zo’n stad aan, zodat ieder zijn weg kan vinden. Dat is de functie van zo’n stratenplan.

Die ambtelijke afdeling die daar verantwoordelijk voor is, heet de Dienst Basisinformatie. Ik had er nog nooit van gehoord, totdat ik vorig jaar ermee kennismaakte toen ze dwars tegen alle adviezen van raadgevers in, hun idee voor een Johan Cruijfplein middenin een Olympische buurt wilden doordrukken.

Zwaveldampen in het Parnassusgebergte. Bij het Orakel van Apollo vroeg men om raad.

GEESTVERRUIMENDE ZWAVEL IN DEPLHI

Die ambtenaren van de gemeente hadden eens een tripje naar die Parnassusberg moeten maken, bedenk ik me nu.

In dat Griekse Parnassus-bergmassief hangen nl. zwavelwolken, die tot vooruitkijkende inzichten van helderziende oudere vrouwen leidden. Een soort profetessen waren het in het vóór-Christelijke Griekenland. De Parnassus was het centrum van ‘waarzeggerij’.

Tegenwoordig zou je dat soort vrouwen een “medium” noemen, en hun zwavel wellicht een geestverruimend middel, zij kregen boodschappen door van de god Apollo, zij communiceerden tussen jou en de god bij het “Orakel van Delphi”.

Je ging dus voor raad en advies c.q. voorspellingen naar de Parnassusberg, naar Delphi. Toen de (latere) Christelijke keizers dat nog niet verboden hadden, werd daar heel wat waarde gehecht aan die bezwavelde orakeltaal.

Dat tripje hadden die ambtenaren vorig jaar ook eens moeten maken!
Gewoon een frietje op de Parnassusbrug gaan halen!
Een frietje… met zwavel!

  1. *De film “Parnassus” van Robin Boissevain, een liefdesdrama in 30 minuten tussen twee friet-families op de Parnassusbrug: https://www.2doc.nl/speel~VPWON_1249702~parnassus-vriende-en-rauwkost-3lab~.html
  2. *Het online-tijdschrift Wendingen, over de fraaie architectuur van de Parnassusbrug: https://amsterdamse-school.nl/objecten/objecten-in-de-openbare-ruimte/brug-415,-parnassusbrug/

De Armen van Zuid

Details van sculpturen van Art Zuid:

Van het Apocalyptische Le Souffre van de Canadees David Altmejd, en Apollo Offering (Arman) via een Duikende Atleet van de Poolse Jerzy Kedziora naar details van de liggende La Rivière van Aristide Maillol en tenslotte detail van een muze, die haar armen naar de hemel uitstrekt, onderdeel van de houten Birth of Apollo van Ivan Cremer

De klauwen van een faun? Monsieur Teste, Arman
Detail van een Myth (Sphinx)- Marc Quinn

Van de arm van de “De Zaaier” en handloze mouwen van de “Leider” van Atelier van Lieshout, via de Welcoming Arms van Louise Bourgeois in de tuin van het Rijksmuseum, naar de glimmende Man die een vuurtje geeft (Jan Fabre) en een Venus zonder armen (Eja Siepman v d Berg).

De Amsterdam Art Biennale: te zien tot en met 15 september 2019

Proklamasi 17 augustus

16d7bde361c67c24e3855f6dd944b2ea00d7f09c501b8964c140bc6a7fb15da5.jpg
1942: Tekening van Jan Sluijters jr (1914-2005) van het vroegere Generaal Van Heutszmonument op het Olympiaplein, het huidige Indië-Nederland monument (copyright: Stadsarchief)

Ik ben in verwarring. Over een monument. Echt gek is dat niet, want half Amsterdam zit vanaf 1935 al in zijn maag met dit enorme monument, dat in zijn volle 19 meter lengte ons koloniale verleden vertegenwoor-digt, onze relatie met Indonesië. Maar deze zomer heb ik er echt last van. Ik heb nog nooit zo vaak als deze zomer langs het water staan kijken.

Omdat het er zo lieflijk en mooi bij ligt van ’t zomer, met dikbillerige wulpse vrouwensculpturen in de waterpartij voor het monument, een waterpartij die onderdeel van het architectonisch geheel is. Eigenlijk, vind ik het gewoon een heel mooi geheel, en daar heb ik dus last van. Raar he?
Het monument heeft nu door deze zwoele dames een poëtisch rondborstig accent gekregen, met een erg hoog Tempo Doeloe gehalte, zullen we maar zeggen. Nederlands Indië: “die goeie ouwe tijd”, die sfeer.

Vrouwensculpturen van beeldhouwer Nic Jonk staan vanwege Art Zuid 2019 tot 15 september in het water van het huidige Indië-Nederlandmonument aan ’t Olympiaplein

Omdat ik vier jaar terug, op 17 augustus 2015, al eerder een column schreef over dit monument onder de titel Vrouw In Sarong ga ik nu niet diep in op de politieke geschiedenis ervan.

Maar voor alle duidelijkheid: het Indië-Nederland monument aan het Olympiaplein is echt een totaal ander Indisch monument, als waar donderdag 15 augustus in Den Haag het eind van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië werd herdacht.

Op 15 augustus herdenken ze in Den Haag het einde van de bezetting van Nederlands-Indië door de Japanners. Maar in Amsterdam-Zuid gaat het monument in wezen over de bezetting van Nederland van de Indische archipel.

Tentoonstellingscurator Michiel Romeyn van de Amsterdamse sculptuurbiennale #ArtZuid (altijd in voor grappen vanuit zijn Jiskefettijd) had graag het huidige Indië-Nederlandmonument op het Olympiaplein, dat herinnert aan de glorie van de koloniale overheersing van Nederland over Indonesië, alsnog willen opblazen, zei hij bij de opening van Art Zuid, om er vervolgens als curator dan daarna de duim omhoog van kunstenaar César (1921-1998) in te zetten, die nu als sculptuur op de Minervalaan is neergezet.

FB_IMG_1565910771157.jpg

Witverf-acties van Provo, een bomaanslag in 1967, het stelen van de bronzen plaquette van generaal Van Heutsz (1851-1924), – degene die de opstandige Indonesische bevolking van Atjeh wist “te pacificeren”, zoals we in onze geschiedenisboekjes eufemistisch leerden op school – en zélfs de verandering van de naam van het Van Heutszmonument in Indië-Nederland monument, hebben nog nooit geleid tot een goede oplossing voor dit pijnlijke koloniale verleden.

De duim van kunstenaar César en van komiek Romeyn kwam er niet. Wel de Indische Waternimfen. Althans zo ben ik ze gaan noemen, die bronzen dames van beeldhouwer Nic Jonk (1928-1994), indachtig het “sprookje van Fabiola” in de Efteling, over Indische waterlelies waarbij sterren, bij Volle Maan, in waterlelies worden omgetoverd en als waternimfen moeten dansen.

INDISCH SPROOKJE

43424986-b904-4416-9995-faef1d65deaa.jpg
Waternimf in een waterlelie in het Eftelingsprookje De Indische Waterlelies

Als schone waternimfen in de Indische oceaan staan de gladgepolijste bronzen van Nic Jonk, in het water rond het huidige Indië-Nederlandmonument. En daar zit ‘m nu net het probleem. Mijn verwarring.
Het monument wordt er sprookjesachtig en romantisch door. Ik zie ineens literatuur over baboes en klamboes voor mijn ogen. Of hoor het meeslepende liedje van de Indische Waterlelies uit de Efteling in mijn oren.

Ik kan ze nu wel heel poëtisch – met veel waterspetters – gaan fotograferen, zoals ik deed op een snikhete 25 juni-dag in een fotoreportage op mijn columpagina op Facebook, maar lieflijk WAS het niet, die Nederlandse bezetting van Indonesië.
Het was geen sprookje, het was helemaal niet lieflijk, niet voor de Indonesiërs.

20190816_000618.jpg
details van het Indie-Nederland monument op het Olympiaplein

Misschien was de Nederlands-Indische literatuur sprookjesachtig, vol heimwee en geheimenissen. Nooit vergeet ik de eerste verfilming op tv van het boek “De Stille Kracht” van Louis Couperus, met een naakte actrice Pleuni Touw onder de douche, die plots onder de bloedspatters zat. Brrr. Dat maakte wel indruk. Stille Krachten. Oosterse sferen.

Door de Indische locatie zetten de naakte vrouwenbeelden van Nic Jonk mij meteen op het been van de Nederlandse kolonisator die het Indisch vrouwelijk schoon niet kon weerstaan en voor een hele schare – al of niet erkende – “Indische” kinderen heeft gezorgd, al of niet uit buitenechtelijke relaties, al of niet in overeenstemming met de wens of wil van de “inlandse” vrouwen. Het heeft een hele Indo-bevolking opgeleverd.

Soms werd de Indonesische vrouw gewoon in haar eentje terug naar de kampong gestuurd en werd het Indische “halfbloed” kind volledig op Nederlandse leest opgevoed en geschoold. Het Niod schat dat er zo’n 1 à 2 miljoen Indo-Europeanen in Nederland wonen.

1050258.jpg

Door de vrouwenbeelden van Nic Jonk komt de oosterse liefelijkheid van de Indische archipel met haar 14.572 eilanden met zijn mooie vrouwen meer naar voren. De verovering, bezetting en de strijd om Indië valt weg.

20190518_225847-1.jpg
details van het Indië-Nederland monument

Het is de schoonheid dus van dit monument, met dat water en die beelden, die mij verwart. Het is alsof de bakstenen meterslange ronde muren de Indonesische archipel met haar eilanden willen omarmen, koesteren. Die waterpartij is superfunctioneel, terwijl tal van gebeeldhouwde halfreliefs het Indische leven uit de koloniale tijd verbeelden.

Beeldend kunstenaar Frits van Hall, geboren op Java in 1899 en in 1945 als communistisch verzetsstrijder vermoord in een Pools concentratiekamp, heeft ook altijd gevonden, dat er op zijn ontwerp net zo goed “Merdeka” had kunnen staan. Vrijheid.

maar tja…..ondertussen staat er wel sinds 1935 – en nu nog steeds! – boven de waterpartij het Nederlandse gezag te gloreren, gesymboliseerd als een vrouw met een wetsrol in haar hand, geflankeerd door Nederlandsche leeuwtjes.

20190812_142423.jpg

17 AUGUSTUS

Maar op een gegeven moment was het Indische sprookje uit. Twee dagen nadat de Japanners als bezetters van Nederlands-Indië bakzeil haalden, dachten de Indonesiërs: maar nu willen we die Nederlandse bezetters ook niet meer, 17 augustus is de dag van het uitroepen van de onafhankelijkheid (Hari Proklamasi Kemerdekaan Republik Indonesia). Ze vieren feest vandaag.

Op 17 augustus 1945 greep de Indonesische bevolking de bevrijding van de Japanners aan om zich in een Proklamasi onafhankelijk van Nederland te verklaren. Nou, dat zag Nederland niet zitten natuurlijk. En tot 1949 volgde toen een bloedige Onafhankelijksheidsoorlog, waarbij “onze jongens” (zoals dat óok al zo gekleurd heette) naar het opstandige Indonesië werden gestuurd. Iedereen kent of heeft wel ergens éen of ander familielid of oom, die zijn diensttijd toen in Indonesië moest uitdienen.

De Proclamasi van 17 augustus 1945 is pas in 1949 door Nederland erkend.

Op 15 augustus verscheen er in het Parool een artikel, waarin het exact ging om wat mij nu dwars zit. Waarom wel aandacht voor de Nederlandse slachtoffers uit de Jappenkampen en de Indische afstammelingen van Europeanen bij het Indisch monument in Den Haag en géén aandacht voor de Indonesische slachtoffers, die door Nederlandse militairen zijn gemaakt nà 1945.

In het Parool-artikel pleitte historicus Lara Nuberg om één en ander te combineren. Een artikel naar mijn hart.
Amsterdam heeft helemaal geen Indiëherdenking zoals Den Haag. Maar Amsterdam heeft wel een raar “koloniaal” monument, dat Indië-Nederland-monument heet.

Video van de Nic Jonk Beelden in het water van de Indische archipel. Klik:


In zijn eigen beeldentuin in het Noordhollandse dorpje Grootschermer staan de bronzen vrouwensculpturen van Nic Jonk langs de sloot of ze lijken er in te duiken of kijken uit over groene weilanden. Op het Olympiaplein is het Indische eilandenrijk hun omgeving, met waterstralen en al…

  1. https://www.parool.nl/columns-opinie/amsterdam-initieer-een-inclusieve-indieherdenking~b880771f/?utm_campaign=shared_earned&utm_medium=social&utm_source=copylink

DIVINE WORKSPACES

Op het intieme Raphaelpleintje, verscholen achter het Olympiaplein, staat tot september het uitbundige beeld “Levensvreugde” van de Nederlandse beeldhouwer #NicJonk (1928-1994) #ArtZuid

Het geheim van de woonblokarchitectuur van “Plan Zuid” is o.a. hoe Berlage pal achter grote drukke verkeersaders als Stadionweg en Apollolaan rustige hofjes en pleintjes wist te ontwerpen, voor een dorpsgevoel middenin de grote stad.

Oases van rust kunnen het zijn. Zie hier het niet zo bekende, intieme Raphaelplein, tussen schildersstraten in van: Tintoretto, Botticelli en Michelangelo, pal achter het Olympiaplein.

Middenop het pleintje stond tussen 1930 en 1995 de Gereformeerde kerk van de Stadionbuurt, de Raphaelpleinkerk. Ik ben er als baby gedoopt. Ik ben er in mijn witkanten doopjurk geïnitieerd in de riten van het protestantisme. De jurk hangt als een soort relikwie nu in mijn zijkamer. Ik zie haar elke dag. Al heb ik me op mijn 14e jaar al van de Gereformeerde kerk verwijderd en op mijn 18e laten uitschrijven.

De gereformeerde kerk van Amsterdan-Zuid op het Raphaelplein is een strak geometrisch gebouw uit 1931, ingebed in de schildersbuurt met Botticelli-, Michelangelo- en Tintorettostraten, die tot 1995 heeft gefunctioneerd. Bij gebrek aan kerkgangers zijn ze gefuseerd met de Hervormden in de #WillemdeZwijgerkerk op de Olympiaweg.
De geometrische motieven van de glas-in-loodramen van de kerk heb ik als kind, tijdens de preek van de dominee, talloze keren in gedachten met mijn vingertje rondgetrokken
Een stille getuige van mijn gereformeerde jeugd. In deze doopjurk werd ik geïnitieerd in het protestantisme. De jurk is 2x zo lang als de foto 😃

Ik was niet de enige die me terugtrok, zoals u weet. De kerk had in de jaren 90 geen zelfstandig bestaansrecht meer, werd verkocht en fuseerde met de Hervormden in de Willem de Zwijgerkerk op de Olympiaweg.

Tegenwoordig wordt de naam van het gebouw op het Raphaelpein – dat ooit “De Raaf” werd genoemd in gereformeerde kringen in Amsterdam-Zuid – in businesskringen ineens “The Raph” genoemd, zag ik laatst: de naam wordt commercieel lekker uitgebuit, je kunt er nu “Divine workspaces” huren…

Het mot toch niet gekker worden, dacht ik, toen ik het Raphaelplein in de Stadionbuurt weer es bezocht. De beeldententoonstelling #ArtZuid brengt je zo nog es ergens😃. In het plantsoen voor de ex-kerk staat tot september de sculptuur “Levensvreugde” van de Nederlandse beeldhouwer #NicJonk (1928-1994). Bijzonder vind ik dat wel, als je er als baby in je doopjurk ingewijd bent, op dat plein.

De kerk is dus vernoemd naar de Renaissance-schilder Raphael (1483-1520) en niet naar de aartsengel Raphael, die als heilige bij de Katholieken geloof ik vereerd wordt, en ook in esotherische kringen anno nu nogal eens naar voren wordt geschoven als genezer, als Healer.

Raphael als schilder, heeft in opdracht van die Katholieke kerk heel wat Madonnas geschilderd, maar heeft toch vooral mijn belangstelling vanwege zijn indrukwekkende fresco’s in de bibliotheek van het Vaticaan, waarin hij theologische en filosophische dilemma’s uit de Renaissance uitbeeldt, zoals bijvoorbeeld het dispuut over de eucharistieviering: vond daar nou wel of niet iets bovennatuurlijks plaats, volgens de Katholieken???

Maar ook de Verlichtingsdiscussie over de wetenschappelijke Aristoteles (feiten!!!) versus Plato (de Ideeënwereld) schilderde hij bijvoorbeeld.

Op twee van die vier wandschilderingen uit de 15e eeuw laat Raphael bovendien mijn geliefde Dante Alighieri voorkomen, één keer als filosoof en op een andere fresco Dante als dichter, vlakbij Apollo en zijn negen artistieke muzen.

Raphael schilderde in de Stanza della Segnatura, de bibliotheek van het Vaticaan, bovenop de berg Parnassus de Griekse god Apollo met zijn lier en zijn 9 artistieke muzen, die de verschillende kunsten vertegenwoordigen.
En temidden van al die kunstzinnigheid bovenop de Parnassusberg plaatst hij dan ook mijn geliefde dichter Dante naast de Griekse dichter Homerus en daarnaast de Romeinse dichter Vergilius

Aan Raphael ontlenen we zodoende dus een beeltenis van Dante. Een beeltenis die anno nu zelfs op het Italiaanse 2 euro muntstuk nog steeds te zien is. Kijkt u maar es in uw portemonnaie.

😃..waar #ArtZuid je al niet helemaal naar toe kan leiden, zeg!

De ex-gereformeerde kerk (de “Raaf” genoemd onder kerkgenoten) is nu een modern bedrijf met een commerciële engelse naam The Raph. Met “divine workspaces”🤔
Het beeld “Levensvreugde” van Nic Jonk in het plantsoen van het intieme Raphaelplein
waar ooit de kansel middenvoor in de kerk stond, staan nu de flessen klaar. Proost!

Zie voor updates: https://www.facebook.com/FaceToFaceOlympischKwartier/

KETENEN GEBROKEN

#KETIKOTI. Ter ere van de Afro-Surinaamse vrouw staan deze zomer drie vrolijk gekleurde beelden van de Surinaamse kunstenaar George Struikelblok (1973) tussen de dubbele rij vleugelnootbomen op de lommerrijke Minervalaan in de Goudkust, een villawijk langs de Stadionkade in Zuid.

Kotomisi, 2019, George Struikelblok

Een mooiere locatie had #ArtZuid niet kunnen kiezen voor dit kunstwerk met de naam Kotomisi. Een kotomisi is een Creoolse mevrouw in traditionele kledij. En de Goudkust is ook de naam van de westkust van Afrika, waarvandaan de meeste slaven werden getransporteerd naar Suriname en de Antillen.

Het is #1 juli – de dag waarop de Afschaffing van de Slavernij wordt gevierd – een prachtige dag voor een traditionele Creoolse koto, een jurk in meerdere lagen, gecombineerd met een speciale angisa, een in punten gevouwen hoofddoek.

Afhankelijk van hoe de punten gevouwen zijn, en welke stof je koos voor jurk of hoofddoek, konden Surinaamse vrouwen met hun hoofdbedekking een geheimtaal spreken en allerlei boodschappen overbrengen (of je bijv. wel of niet vrij en beschikbaar was als vrouw, of dat je een ruzie wel of niet beslecht had bijv.). Een hele vrouwencultuur ontstond.

Het vouwen van de hoofddoek is een kunst op zich. In Parimaribo is er een Kotomuseum gewijd aan dit culturele erfgoed van koto’s en angisa’s.

FEEST

In Amsterdam Zuid-Oost dragen op zon-en feestdagen op dit moment nog altijd veel vrouwen een kleurrijke koto. Zoiets had ik ook verwacht toen ik ooit door een Creoolse Surinaamse buurvrouw in het Olympisch Kwartier werd gevraagd voor haar 60e verjaardagsfeest.

Dress to impress” stond er op de uitnodigingskaart. Ik deed mijn uiterste best: met een kleurrijk gewaad en veren in mijn opgestoken blonde haar en met goudgekleurde nagels kwam ik aanzetten. Een andere Nederlandse buuf kwam zelfs met haar hoed op over de galerij naar het feest. Wat schetste onze verbazing: alle Surinaamse gasten zaten in hun gewone kloffie en wij voelden ons twee opgedirkte buitenstaanders. We hadden er de grootste lol om, maar begrijpen deden we het niet. Vanwaar dan die kaart? Wat ging er mis in de communicatie? Zo goed kenden we elkaar ook niet. Ook al waren we buren.

SLAVEN VAN AMSTERDAM

Keti koti betekent: “Ketenen Gebroken”. Op 1 juli 1863 werd de slavernij officieel in Suriname afgeschaft. De Nationale Herdenking van Keti Koti is op 1 juli vanaf 13 uur live op tv te zien.
In de gemeenteraad van Amsterdam wordt op 1 juli besproken hoe de stad in de 18e eeuw economisch geprofiteerd heeft van de slavernij. Het is knap winstgevend zakendoen met gratis arbeid.

In het Amsterdams Historisch Museum wordt onder de titel “Slaven van Amsterdam” een korte doorlopende driedimensionale impressie gegeven van de suikerplantage “Waterlant” aan de Surinamerivier, rond 1700.

Video online: Slaven van Amsterdam: (klik):

Links in beeld scheppen slaven vanuit een schip suiker op de kant, terwijl een opzichter het met zijn voet net zo hard weer terugschopt.

Terwijl vogeltjes heen en weer vliegen, laat de suikerplantage-eigenaar zich loom onderuitgezakt bedienen: aan zijn voeten onder tafel zit een donkere jongen, misschien wel zijn zoon. Een Surinaamse tot slaafgemaakte vrouw komt met thee. Hij trekt haar tegen haar wil op schoot. Ze schrikt en zodra ze kan, vlucht ze van hem weg.

Omdat de stad Amsterdam van 1683 tot 1795 mede-eigenaar was van de kolonie Suriname, samen met de West Indische Compagnie en de steenrijke familie Van Aerssen, werkten de slaven dus ook voor Amsterdam, stelt het museum.

De burgemeester van Amsterdam was tegelijkertijd directeur van de particuliere onderneming, de “Societeit van Suriname”, de eigenaar van de kolonie. Totdat deze genationaliseerd werd en in handen kwam van de Nederlandse staat.

SLAVERNIJ-TENTOONSTELLINGEN

In 2020 komt het Rijksmuseum voor het eerst in haar geschiedenis met een grote tentoonstelling over slavernij tijdens het Nederlandse kolonialisme. In het Tropenmuseum is het hele jaar door in Amsterdam te zien: “Het heden van het slavernijverleden”, over actuele erfenissen van slavernij en kolonialisme, met verhalen van slaafgemaakten en hun nazaten.

Verder werken drie organisaties in opdracht van de gemeenteraad van Amsterdam concreet aan de uitwerking van een plan voor een Amsterdams Slavernijmuseum.

https://www.parool.nl/amsterdam/amsterdam-wil-excuses-aanbieden-voor-slavernijverleden~b1f4e38f/?utm_source=link&utm_medium=social&utm_campaign=shared_earned

Rondlopen in stadsdorp

Je moet het maar zien. Schoonheid in architectuur en kunst zit ‘m vaak in de details, en het is handig als iemand je daar op wijst. Mooi gebeeldhouwde brughoofden, brughuisjes in Amsterdamse Schoolstijl, aparte dakkapellen, siermetselwerk rond portiekingangen, moderne kunstzinnige letters “Stoned forever, forever in stone” in de plint van bakstenen muren. Je moet het maar weten. Je moet het maar zien. 

DSC03556A
Stoned forever, stalen bouwstenen van kunstenaar Martijn Sandberg

VOOR ARM EN RIJK

Lezers van mijn blog weten hoe rijk de Stadionbuurt aan schoonheid is; vanaf maart 2014 schrijf ik er op dit blog over. Maar vanaf deze maand worden zeer laagdrempelige kunst- en architectuurwandelingen aangeboden, voor arm en rijk, voor jong en oud. Iedereen kan mee.
Het is een nieuw buurtinitiatief. De rondleidingen worden verzorgd door kunsthistorici en beeldend kunstenaars uit de buurt, in samenwerking met Stadsdorp Olympia.

Stadsdorp Olympia is één van de vele stadsdorpen die Amsterdam rijk is: een buurtcollectief dat met sociale en culturele activiteiten mensen met elkaar wil verbinden en de betrokkenheid bij de buurt wil vergroten. Het is opgezet “om de voordelen van een dorp te verbinden aan die van een stad“, met bijvoorbeeld ook een maandelijkse buurtborrel op het Stadionplein, zoals a.s. woensdag.

Rond 2019-def2.jpg
informatie 5 verschillende rondwandelingen

Het is de bedoeling dat iedereen kan genieten van de kunstzinnige schoonheid van de omgeving, dus de prijs van de rondwandelingen is heel bewust heel erg laag gehouden. Zij die het zich kunnen veroorloven mogen vrijwillig natuurlijk de reguliere prijs van 10 euro bijdragen. Zie de foto hierboven voor informatie.
A.s. donderdagavond 27 juni is er een Engelstalige rondleiding, vrijdagmiddag 26 juli de eerste Nederlandstalige.

DSC03790
Stadionweg, Hygieastraat: Eén van de vele stadspoorten die de Stadionbuurt rijk is
2014-04-20 2014-04-20 002 039 (2)
De koloniale geschiedenis van Nederland vind je terug in de reliëfs van het Indiëmonument op het Olympiaplein
DSC04335
Wie is Prometheus, de reus die bij het Olympisch Stadion staat?

Amsterdam Zuid heeft diverse stadsdorpen waar je lid van kunt worden. E: info@stadsdorp-olympia.nl

Home

Rondleidingen Stadionbuurt

Welkom

Face to Face Olympisch Kwartier

 

 

Muziek in wrakhout


Kun je hout laten dansen? Met een videofragment van een ballet over Apollo, de Griekse God van de kunsten en de muziek, introduceer ik hier het gigantische houten balletgezelschap, dat architect/beeldhouwer Ivan Cremer (1984) op de Apollolaan heeft geplaatst.
Maar liefst 10 houten sculpturen zet Cremer als ensemble neer, met Apollo in het midden. Om hem heen: de negen muzen, zijn halfzussen, die elk een tak van kunst vertegenwoordigen, en die de muziek inspireren.

20190608_195811.jpg
Birth of Apollo, 2019, sculptuur van hout en staal, Ivan Cremer, Apollolaan, Amsterdam Zuid

De muziek die u hoort is van Igor Stravinsky uit 1927. Een echt 20e eeuws klassiek muziekstuk. Het ballet werd in 1928 door choreograaf George Balanchine gearrangeerd en heeft Cremer geïnspireerd tot zijn sculptuur “Birth of Apollo” voor de Amsterdam Sculptuur Biennale Art Zuid.

“The birth of Apollo” is ook de naam van de proloog van het ballet. Stravinsky liet zich door de Klassieke Oudheid inspireren of door schilderijen als “Apollo en de 9 muzen” van Baldassare Peruzzi (1520) en noemde zijn muziekcompositie Apollon Musagète: “Apollo, aanvoerder van de muzen”.

AKG241827.jpg
Dans met de 9 muzen, olieverf panel v Baldasare Peruzzi (architect/schilder), ooit onderdeel van een toetseninstrument.

Het totale muziekstuk van Stravinsky duurt een half uur. Onderaan dit blog kan de liefhebber ernaar luisteren.

Kijkt u naar het balletfragment en dan nog eens naar het beeldhouwwerk op de Apollolaan.

New York City Ballet, Tiler Peck, Indiana Woodward, Brittany Pollack and Taylor Stanley in George Balanchine’s Apollo. © Erin Baiano.

20190614_145301.jpg

1050378.jpg

Apollo tussen 9 muzen op de Apollolaan, Ivan Cremer, 2019
Cremer in zijn studio in Leipzig, bij het beeld van Apollo. copyright: ivanattila.com
1040980.jpg
Ivan Cremer tijdens de perspresentatie van ArtZuid met zijn Birth of Apollo, op de Apollolaan

IVAN CREMER

Het is niet de eerste keer dat Cremer balletdanseressen bouwt. Eerder al ontwierp hij een hele serie “Dancers from Oblivion”. De zoon van kunstenaar/schrijver Jan Cremer, is van het robuuste handwerk. Uit Italiaans afvalhout uit ruïnes hakt, bikt, schuurt, timmert en schroeft hij handmatig zelf zijn sculpturen in elkaar.20190614_150309.jpgHij is een echte bouwer, van oorsprong architect met zijn opleiding aan de TU in Delft. Hij moet weinig hebben van computergestuurde kunst, die hij eerder als design ziet. Hij maakt in zijn atelier liever alles zelf met eigen handen.
Het zijn bonkige woeste brokken hout waarmee hij werkt, met staalplaten bij elkaar gehouden, niet roestvrij. Het hoofd van Apollo of de hoofden van de danseressen of hun losse wilde haren bestaan uit stalen troffels of gekartelde schijven, waarmee hij ook beweging suggereert.

Ik probeer ballerina’s te portretteren, ik ga niet de beweging nadoen,” zegt hij tijdens de perspresentatie. Hij heeft dus niet overwogen om als een bewegingskunstenaar Jean Tinguely (1925-1991) het balletgezelschap letterlijk te laten draaien aan stalen kabels om Apollo heen.
Ieder staat op zijn eigen (betonnen) voetstuk, beklemtoont Cremer. Iedere muze. Elke kunstdiscipline. Zowel de dichtkunst (als muze). Als de zang. Alle negen muzen kunnen muziek doen ontstaan.
De kunsten beïnvloeden elkaar wederzijds, maar geen één is superieur, wil Cremer maar zeggen. Ook Apollo niet.

MUZEN, MUSEUM, MUZIEK, AMUSEMENT

Muziek (Apollo) ontstaat in combinatie met:

  • poëzie,
  • zang, de voordrachtkunst,
  • mime, expressie
  • geschiedenis (Stravinsky componeert bijvoorbeeld op basis van de Antieke Oudheid)
  • tragediespelen (voor een opera)
  • of komediespelen (voor een operette of musical).

Voor elk is er een muze.

Ze zijn structureel van elkaar afhankelijk. Ze staan op zichzelf, maar trekken zich aan elkaar op, en beïnvloeden elkaar, houden elkaar in balans en worden ondersteund door Apollo” zegt Cremer.

Essentieel voor de sculptuur van Cremer is zo het feit dat de 10 figuren, ondanks hun eigen voetstuk, toch met elkaar verbonden zijn. De God van de kunsten en muziek is met stalen kettingen verbonden met zijn Muzen. En inspireert op zijn beurt weer schilders.

Als architect heb ik naar de straten rondom de Apollolaan gekeken, er zijn schildersstraten van Michelangelo en Rubens en Van Eijck, en er zijn muziekstraten als Beethoven in deze buurt”.

(Ook zijn er parallel aan de Apollolaan twee straten naar muzen genoemd, waaronder de Cliostraat, muze van de geschiedenis).

Stravinsky noemde zijn muziekcompositie: Apollo, leider van de Muzen: Apollo Musagète. Ook bij Cremer is Apollo weliswaar groter dan zijn zussen en staat hij centraal middenin, maar bij Cremer lijkt het toch ook alsof het de muzen zijn die Apollo in beweging zetten.

20190517_225844.jpg
Urania, links, met haar armen in de lucht, zorgt als muze voor hemelse muziek. Vooraan staat Terpsichore als muze van de dans op muziek.

In de balletvideo zie je ook hoe de ingebakerde mannelijke God Apollo pas geboren kan worden als zijn katoenen windselen worden afgewikkeld door drie van zijn halfzussen. Apollo heeft zijn muzen nodig.
Stravinsky en Balanchine gebruiken maar drie danseressen als muzen, Cremer doet het met negen en volgt hierin getrouw de mythologie.

20190608_005717.jpg
Muzen voor de muziek. 1. Urania met hemelbol voor hemelse klanken. 2. Euterpe van de instrumentale muziek, met dubbele fluit, 3. Calliope voor de voordrachtskunst en zang 4.Terpsichore met lier voor de dans.
20190608_010848.jpg
5. Thalia met vrolijk masker, voor komediespelen 6. Polyhymnia met meditatieve blik, voor religieuze muziek 7. Melpomene met een tragediemasker 8. Erato met haar cupido en liefdespoëzie 9. Clio met haar geschiedenisrol

Zo kan muziek hemels klinken (Urania: met hemelbol), en komt muziek via allerlei instrumenten tot ons (Euterpe: met dubbele fluit), kun je op muziek vaak dansen (muze Terpsichore) en vertelt muziek vaak een verhaal, al of niet als programmamuziek of met zang (Calliope van de zang en Clio, muze van de geschiedenis, met een papierrol).

Die inter-afhankelijkheid van Apollo met zijn muzen laat Ivan Cremer nu zien. In hout. Met kettingen. Op de Apollolaan.

Zo was er eerst de Griekse mythe; toen in 1520 een schilderij over Apollo en zijn 9 muzen, toen in 1927 Stravinsky met zijn instrumentale muziek, toen Balanchine met zijn ballet en ook een film daarover in 1968 en nu in 2019 Cremer met zijn houten beeldhouwversie van Apollo’s geboorte.

Zo voedt de mythologie de schilderkunst, de muziek de dans en die weer de beeldhouwer. Een mooie pirouette. In het Openlucht-museum dat Art Zuid heet.

Blog uit Amsterdam Zuid met haar Griekse godinnen Eos en Hestia rond het Olympisch Stadion, uitwaaierend over de stad met liefde voor kunst, architectuur, historie en spiritualiteit.

%d bloggers liken dit: